Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
- een gevangenisstraf voor de duur van 5 jaren, met aftrek van voorarrest;
- ontzetting van het bekleden van ambten en het passief kiesrecht voor de duur van 10 jaren.
2.Tenlastelegging
Formele voorvragen
4.Vrijspraak 1, 2, 3 (partieel), 4 en 6
- route 1: burgers/ondernemers wendden zich met een verzoekbrief direct tot (het kantoor van) de minister, die zijn aantekening op de brief zette en de verzoekbrief vervolgens doorstuurde naar de DIP.
- route 2: burgers/ondernemers vulden bij het kantoor van de DIP een aanvraagformulier voor een erfpachtrecht in.
- een beschrijving van het project (op twee a4-tjes);
- type project;
- de grootte van het benodigde terrein;
- locatie voorkeur;
- gemoeide investering;
- wijze van financiering;
- eventuele schetstekeningen.
- de verklaring van verdachte dat hij niet wist wie achter de rechtspersonen [naam 1, 2, en 3] schuilgingen is, gelet op de nauwe banden tussen verdachte en de bij die betrokken rechtspersonen vrienden, ongeloofwaardig;
- uit omstandigheden, waaronder de snelheid waarmee de verzoeken van [naam 1,2, en 3] in behandeling zijn genomen en hebben geleid tot de uitgifte van een optie-/erfpachtrecht, volgt dat verdachte een voorkeursbehandeling heeft gegeven aan die rechtspersonen;
- uit de getuigenverklaringen van mevrouw [getuige 1] blijkt dat verdachte een geldbdrag heeft aangenomen van medeverdachte [medeverdachte 2] in ruil voor de uitgifte van een erfpachtrecht aan [naam 2].
akkoord cfm, gaarne uw medewerking”. Uit het dossier is gebleken dat [naam 6] geen optierecht heeft gekregen en [naam 1] wel. Het Gerecht concludeert hieruit dat aan de aantekening “akkoord” van verdachte op een verzoekbrief niet zonder meer de betekenis kan worden ontleend dat verdachte opdracht gaf aan de DIP om een optierecht uit te geven.
Het Gerecht overweegt voorts dat nu niet kan worden vastgesteld dat de ten laste gelegde gedragingen van verdachte hebben bijgedragen aan een voorkeursbehandeling, en bovendien niet kan worden bewezen dat verdachte wist van het frauduleuze handelen van zijn veronderstelde bevriende en/of aan de AVP gelieerde aanvragers van de erfpachrechten, niet ter zake doet of verdachte wetenschap had van welke personen schuilgingen achter de rechtspersonen [naam 1,2, en 3]
5.Bewezenverklaring
op een of meer tijdstippenin
of omstreeksde periode van
8 maart 2010juni 2013tot en met 14 februari 2014 te Aruba
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,in zijn hoedanigheid van Minister van Infrastructuur,
Integratie en Ruimtelijke Ordeningvan
/aaneen persoon en aan die persoon gelieerde rechtspersoneneen of meer (rechts)personen, namelijk:
/of[bedrijf 1]
en/of [bedrijf 9] en/of [bedrijf 10] en/of [bedrijf 11] NV en/of
en/ofbeloftennamelijk,
/ofbetalingen, aan verdachte (
al dan niet aan/middels de stichting [naam stichting])
en/of [medeverdachte 1] en/of een (verjaardags)feest in het [bedrijf 13] op 21 januari 2012 en/of (korting op de) aanleg/bouw van een sportschool en/of een toegangshek en/of diverse (andere) verbouwingen aan in zijn woning (waaronder de tuin) aan de [adres 1],
en/of voor zichzelf en/of een of meer anderen heeft gevraagd,
en zijn medeverdachte(n) (telkens)wist
endat deze giften
en/of beloftenhem
en/of henwerden gedaan
, en/of aangebodenteneinde hem
en/of hente bewegen om, in strijd met zijn
en/of hunplicht, in zijn
en/of hunbediening iets te doen
en/of na te laten en/of ten gevolge en/of naar aanleiding van hetgeen door hem en/of hen, al dan niet in strijd met zijn en/of hun plicht, in zijn en/of hun huidige en/of vroegere bediening is gedaan en/of nagelaten
, Integratie en Ruimtelijke Ordening,althans het Land Aruba,
/of
en/of zijn medeverdachte(n)en voormelde (rechts)
persoonpersonenwaarin hij
en/of zijn medeverdachte(n)niet meer zo vrij, onbeïnvloed, onafhankelijk en/of objectief
was/konwaren/kondenzijn bij het nemen van beslissingen in relatie tot voormelde (rechts)personen als in het geval dat hij
en/of zijn medeverdachte(n)die giften,
beloften en/of diensten niethad
denaangenomen
of gevraagd;
op een of meer tijdstippenin
of omstreeksde periode van 15 februari 2014 tot en met 19 oktober 201
97te Aruba
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,in zijn hoedanigheid van Minister van Infrastructuur, Integratie en Ruimtelijke Ordening van
/aaneen persoon en een aan die persoon gelieerde rechtspersoonof meer (rechts)personen,namelijk:
/of [naam 10] en/of[bedrijf 3]
en/of [bedrijf 4] en/of [bedrijf 5] en/of [bedrijf 6] en/of [bedrijf 7] en/of [bedrijf 8] en/of
beloften en/of diensten,namelijk,
sportschoolgymen
/ofeen toegangshek
en/of diverse (andere) verbouwingen aan in zijn woning (waaronder de tuin) aan de [adres 1],
en/of voor zichzelf en/of een of meer anderen heeft gevraagd,
en zijn medeverdachte(n) (telkens)wist
en, althans redelijkerwijs moest
envermoeden dat deze giften,
beloften en/of dienstenhem
en/of henwerden gedaan
, verleend en/of aangebodenteneinde hem
en/of hente bewegen om,
al dan nietin strijd met zijn
en/of hunplicht, in zijn
en/of hunbediening iets te doen
en/of na te laten en/of ten gevolge en/of naar aanleiding van hetgeen door hem en/of hen, al dan niet in strijd met zijn en/of hun plicht, in zijn en/of hun huidige en/of vroegere bediening is gedaan en/of nagelaten
/of
en/of zijn medeverdachte(n)en voormelde (rechts)
persoonpersonenwaarin hij
en/of zijn medeverdachte(n)niet meer zo vrij, onbeïnvloed, onafhankelijk en/of objectief
was/konwaren/kondenzijn bij het nemen van beslissingen in relatie tot voormelde (rechts)personen als in het geval dat hij
en/of zijn medeverdachte(n)die giften,
beloften en/of dienstenniet had
denaangenomen
of gevraagd.
Verduistering
en(uiteindelijk) belanghebbende van die Stichting onder zich heeft, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend,
namelijk:
cursief). De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.
6.Bewijs en waardering van het bewijs
- een cheque d.d. 18 juni 2009 op naam van [bedrijf 15] (bedrijf van [medeverdachte 6]) ad Awg. 2000,- waarvoor verdachte heeft getekend.
- een cheque d.d. 25 augustus 2009 op naam van [bedrijf 16] ad Awg. 900,- ten behoeve van verdachte;
- indien wordt aangenomen dat verdachte de ultimate benificary owner was van de stichting [NAAM STICHTING 2] behoorden de gelden van de stichting toe aan verdachte en kan geen sprake zijn van verduistering;
- indien niet wordt aangenomen dat verdachte de ultimate benificary owner was van de stichting kan evenmin sprake zijn van verduistering, omdat verdachte geen bestuurder was van de stichting, niet namens de stichting kon handelen en verdachte de gelden van de stichting dus niet anders dan door misdrijf onder zich had;
- de wederrechtelijkheid ontbreekt, omdat verdachte een rekening-courant had met de stichting en het verzilveren van de cheque moet worden gezien als het verrekenen met door verdachte ten behoeve van de stichting gemaakte kosten.
Het bijeenbrengen, administreren, beheren en aanwenden van de fondsen die bestemd zijn voor de verkiezingscampagne van de heer [verdachte]. Niet gesteld, noch is aannemelijk geworden dat de reis van de vrouw in enige relatie staat tot deze doelstelling. Het Gerecht is aldus van oordeel dat deze betaling buiten het stichtingsdoel valt en dat verdachte het stichtingsvermogen naar eigen inzicht heeft besteed.
7.Strafbaarheid en kwalificatie van het bewezen verklaarde
8.Strafbaarheid van de verdachte
9.Oplegging van straffen
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
gevangenisstrafvoor de
1 (één) jaar;
6 (zes) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd, van
3 (drie) jarenaan een strafbaar feit schuldig heeft gemaakt;
5 (vijf)jaren;