Uitspraak
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
[Verzoeker],
DE MINISTER VAN JUSTITIE EN SOCIALE ZAKEN,
PROCESVERLOOP
feiten
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Verzoeker, van Colombiaanse nationaliteit, werd de toelating tot Aruba geweigerd door de minister van Justitie en Sociale Zaken op grond van het niet voldoen aan de middelenvereiste en vermeende overschrijding van de toegestane verblijfsduur als toerist.
Verzoeker maakte bezwaar tegen deze weigering en verzocht het Gerecht om een voorlopige voorziening zodat hij toegelaten zou worden tot Aruba totdat op het bezwaar was beslist. Hij stelde dat hij Aruba vrijwillig had verlaten en dat er geen uitzettingsbevel of niet-toelatingsperiode was opgelegd. Tevens is hij in het buitenland getrouwd met een persoon met een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd en wenst hij zijn huwelijk in te schrijven.
Het Gerecht oordeelde dat de weigering deels onjuist was toegepast, maar dat verzoeker niet aannemelijk had gemaakt te beschikken over voldoende middelen of garantstelling. Omdat verzoeker zich op het moment van uitspraak buiten Aruba bevond, had de voorlopige voorziening geen betekenis. Het verzoek werd daarom afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tot toelating tot Aruba wordt afgewezen.