ECLI:NL:OGEAA:2024:157

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
26 juni 2024
Publicatiedatum
10 juli 2024
Zaaknummer
AUA202401677KG
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 556 RvArt. 557 RvArt. 444 Rv
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontruiming appartement wegens huurachterstand van 10.500 gulden

Partijen zijn op 10 mei 2022 een huurovereenkomst aangegaan voor een appartement te Aruba tegen een maandelijkse huurprijs van Afl. 1.500,--. De huurder heeft een aanzienlijke huurachterstand opgebouwd, die door de verhuurder bij brief van 18 oktober 2023 en 16 april 2024 is gemeld en gevorderd, maar onbetaald bleef.

De verhuurder vordert in kort geding ontruiming van het gehuurde en betaling van de huurachterstand. Tijdens de mondelinge behandeling erkent de huurder de schuld, maar voert persoonlijke omstandigheden aan zoals werkloosheid, depressie en een auto-ongeluk.

Het Gerecht oordeelt dat de huurachterstand van Afl. 10.500,-- voldoende is om de ontruiming te rechtvaardigen en wijst de vordering tot ontruiming en betaling toe. De gevorderde dwangsom en inzet van politie worden afgewezen omdat de deurwaarder daartoe bevoegd is. De huurder wordt veroordeeld tot betaling van de achterstallige huur met wettelijke rente en de proceskosten.

Uitkomst: De huurder wordt veroordeeld tot ontruiming van het appartement en betaling van een huurachterstand van 10.500 gulden met wettelijke rente.

Uitspraak

Vonnis in kort geding van 26 juni 2024
Behorend bij AUA202401677 KG
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS IN KORT GEDING
in de zaak van:
[Eiser],
te Aruba,
eiser, hierna ook te noemen: [eiser],
procederend in persoon,
tegen:
[Gedaagde],
te Aruba,
gedaagde, hierna ook te noemen: [gedaagde],
procederend in persoon.

1.DE PROCEDURE

1.1
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift met producties, ingediend ter griffie op 23 mei 2024;
- de mondelinge behandeling van de zaak op 13 juni 2024.
1.2
Tijdens de mondelinge behandeling ter zitting zijn partijen verschenen, [gedaagde] bijgestaan door een tolk. Partijen hebben hun standpunt toegelicht en vragen van het Gerecht beantwoord.
1.3
Vonnis is bepaald op vandaag.

2.UITGANGSPUNTEN

2.1
Op 10 mei 2022 zijn partijen een schriftelijke huurovereenkomst aangegaan waarbij [eiser] aan [gedaagde] een appartement verhuurt gelegen te [adres] apt #2, Aruba (hierna: het gehuurde) tegen een huurprijs van Afl. 1.500,-- per maand.
2.2
Bij brief van 18 oktober 2023 heeft [eiser] [gedaagde] bericht over de huurachterstand die zij had laten ontstaan. Partijen hebben toen een regeling getroffen die [gedaagde] niet is nagekomen.
2.3
Bij brief van 16 april 2024 heeft [eiser] [gedaagde] gemaand tot betaling van een bedrag van Afl. 9.780,-- aan huurachterstand inclusief boete. [Gedaagde] heeft dit bedrag onbetaald gelaten.

3.HET GESCHIL

3.1 [
Eiser] vordert dat [gedaagde] bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, wordt veroordeeld:
- om het gehuurde binnen tien dagen na dit vonnis te ontruimen en te verlaten, met alle daarin aanwezige goederen en het gehuurde schoon achter te laten en ter vrije beschikking van [eiser] te stellen, dit onder verbeurte van een dwangsom van Afl. 500,-- per dag voor elke dag of gedeelte daarvan dat [gedaagde] nalaat hieraan te voldoen, en, indien [gedaagde] met de ontruiming in gebreke blijft, dat [eiser] de ontruiming desnoods met behulp van de sterke arm van politie en justitie kan bewerkstelligen;
- tot betaling aan [eiser] van Afl. 11.280,00 aan achterstallige huurpenningen en boete tot en met 10 mei 2024, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 18 oktober 2023 tot en met de dag van de algehele voldoening;
- in de kosten van de procedure, bestaande uit deurwaarderskosten en griffiekosten.
3.2 [
Eiser] heeft ter zitting zijn eis gewijzigd in die zin dat hij alleen nog de huurachterstand vordert en niet meer de boete. Hij legt aan de vordering ten grondslag dat [gedaagde] een bedrag van Afl. 10.500,-- aan huurpenningen over de maanden september tot en met december 2023 en februari, april en mei 2024 verschuldigd is. Op grond van deze tekortkoming is de gevorderde ontruiming van het gehuurde gerechtvaardigd.
3.3 [
Gedaagde] heeft ter zitting erkend dat zij de door [eiser] gevorderde huurpenningen verschuldigd is. De huurachterstand is ontstaan doordat zij geen werk had en in een depressie was geraakt omdat haar partner haar had verlaten. Verder was zij betrokken bij een auto-ongeluk en moet zij een bedrag van Afl. 12.000,-- aan schade betalen.

4.DE BEOORDELING

4.1
Het spoedeisend belang van [eiser] volgt uit de aard van de vordering en de daaraan ten grondslag gelegde stellingen.
4.2
In deze procedure moet aan de hand van de door partijen gepresenteerde feiten, zonder nader onderzoek, de vraag worden beantwoord of de vordering van [eiser] in een eventuele bodemprocedure een zodanige kans van slagen heeft dat vooruitlopend daarop toewijzing van de gevraagde voorziening gerechtvaardigd is.
4.3
Uit de stukken en hetgeen ter zitting is besproken is voldoende gebleken dat [gedaagde] een bedrag van Afl. 10.500,-- aan huur onbetaald heeft gelaten. Dat heeft zij ook niet betwist. Dit bedrag is daarom toewijsbaar.
4.4
De hoogte van de huurachterstand rechtvaardigt de gevorderde ontruiming van het gehuurde, zodat dit deel van de vordering eveneens toewijsbaar is. Ter zitting is met partijen besproken dat de ontruiming van het gehuurde uiterlijk op 15 juli 2024 zal plaatsvinden.
4.5 [
Gedaagde] dient erop bedacht te zijn dat zij ook de lopende huurtermijnen vanaf 11 mei 2024 tot aan de ontruiming op 15 juli 2024 verschuldigd is.
4.6
De vordering van [eiser] om de ontruiming desnoods met behulp van de sterke arm van politie en justitie te bewerkstelligen wordt afgewezen. De deurwaarder heeft de bevoegdheid zo nodig de hulp van de sterke arm van politie en justitie in te roepen indien [gedaagde] medewerking aan de ontruiming weigert. Die bevoegdheid ontleent de deurwaarder rechtstreeks aan artikel 556 en Pro artikel 557 Rv Pro, waarin artikel 444 Rv Pro van overeenkomstige toepassing wordt verklaard. Indien de deurwaarder problemen voorziet dan kan hij bijstand van de politie inroepen. In het licht hiervan heeft [eiser] evenmin belang bij de verzochte dwangsom.
4.7 [
Gedaagde] zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van de procedure gevallen aan de zijde van [eiser].

5.DE UITSPRAAK

Het Gerecht, rechtdoende in kort geding:
5.1
veroordeelt [gedaagde] om het perceel [adres], apt #2 uiterlijk op 15 juli 2024 te ontruimen en te verlaten, met alle daarin aanwezige goederen en het perceel schoon achter te laten en ter vrije beschikking van [eiser] te stellen;
5.2
veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] te betalen een bedrag van Afl. 10.500,-- aan achterstallige huurpenningen tot en met 10 mei 2024, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de verschuldigdheid tot en met de dag van de algehele voldoening;
5.3
veroordeelt [gedaagde] in de kosten van de procedure, die tot de datum van deze uitspraak aan de kant van [eiser] worden begroot op Afl. 450,-- aan griffierecht en Afl. 235,-- aan explootkosten;
5.4
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
5.5
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. J. Brandt, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 26 juni 2024 in aanwezigheid van de griffier.