Uitspraak
1.DE PROCEDURE
2.DE VASTSTAANDE FEITEN
“150 Fl a 50 Fl”.
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Eiseres vordert betaling van een bedrag van Afl. 2.000,- plus rente en kosten van gedaagde, gebaseerd op twee leningsovereenkomsten uit 2019 en 2020. Gedaagde betwist de vordering en stelt dat zij de schuld volledig heeft terugbetaald.
Het Gerecht stelt vast dat eiseres deel uitmaakt van een commerciële groep die geld uitleent zonder vergunning, waardoor de leningsovereenkomsten nietig zijn op grond van artikel 3:40 BW Pro. Daarnaast is onduidelijk wat de precieze afspraken waren over rente en aflossing, mede doordat de stellingen van eiseres over de hoogte van de vordering uiteenlopen.
Verder heeft eiseres geen sluitend overzicht kunnen geven van de vordering, terwijl gedaagde handgeschreven kwitanties overlegd heeft die haar betalingen ondersteunen. De verklaringen van eiseres en haar dochter zijn bovendien tegenstrijdig en niet overtuigend.
Gelet op de gemotiveerde betwisting en het ontbreken van voldoende bewijs wijst het Gerecht de vordering af en veroordeelt eiseres in de proceskosten van gedaagde.
Uitkomst: De vordering van eiseres wordt afgewezen wegens nietigheid van de leningsovereenkomsten en onvoldoende bewijs van een openstaande schuld.