Uitspraak
1.[Eiser],
[Eiseres],
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Partijen zijn 17 jaar geleden een huurovereenkomst aangegaan voor een woning te Aruba. Op 14 februari 2025 sloten zij een beëindigingsovereenkomst waarin werd afgesproken dat gedaagde de woning uiterlijk op 31 mei 2025 zou verlaten. Eisers verleenden daarna twee keer uitstel, maar gedaagde bleef in de woning verblijven ondanks sommatie.
Eisers vorderen in kort geding ontruiming van de woning, stellende dat gedaagde wanprestatie pleegt door niet conform de overeenkomst te handelen. Gedaagde voert verweer dat zij de beëindigingsovereenkomst onder druk heeft getekend en beroept zich op misbruik van omstandigheden, maar dit is onvoldoende onderbouwd.
Het Gerecht oordeelt dat de beëindigingsovereenkomst geldig is en dat gedaagde zonder recht of titel in de woning verblijft. Een belangenafweging leidt tot toewijzing van de vordering, waarbij het belang van eisers om de woning aan hun dochter beschikbaar te stellen zwaarder weegt dan het belang van gedaagde. Gedaagde krijgt een termijn van twee maanden om de woning te ontruimen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld de woning binnen twee maanden te ontruimen wegens niet-nakoming van de beëindigingsovereenkomst.