4.12Het Gerecht verzoekt de Voogdijraad om de volgende punten mee te nemen in zijn onderzoek.
i. Herroeping van de adoptie heeft ingrijpende gevolgen. Door herroeping houdt de familierechtelijke betrekking tussen de geadopteerde en de adoptieouder(s) op te bestaan (1:232 lid 1 BWA) en herleeft in beginsel de familierechtelijke betrekking met de oorspronkelijke juridische ouders (1:232 lid 2 BWA). Dit heeft verschillende juridische gevolgen. Zo zou het doorbreken van de juridische band met de adoptiemoeder tot gevolg hebben dat de adoptiemoeder niet langer onderhoudsplichtig is. Zij hoeft dan dus geen kinderalimentatie meer te betalen. Ook heeft herroeping van de adoptie erfrechtelijke gevolgen: als [belanghebbende 2] niet langer de dochter van de adoptiemoeder is, zal zij in principe niet van haar erven. Daarnaast kan herroeping van de adoptie gevolgen hebben voor de nationaliteit van [belanghebbende 2]. Het is het Gerecht niet bekend welke nationaliteit de adoptiemoeder heeft en of [belanghebbende 2] door de adoptie diezelfde nationaliteit heeft gekregen. Als dat zo is, kan [belanghebbende 2] die nationaliteit verliezen als zij niet langer de juridische dochter is van de adoptiemoeder. Ook zal door herroeping van de adoptie de juridische band tussen [belanghebbende 2] en haar broertje (deels) worden doorbroken. Hoewel het broertje niet meer in Aruba woont, is hij – voor zover het Gerecht bekend – nog altijd het juridische kind van de adoptieouders. Door de herroeping van de adoptie (voor wat betreft de adoptiemoeder) zouden [belanghebbende 2] en haar broertje juridisch alleen nog via de adoptievader aan elkaar verwant zijn.
Vanwege de hiervoor (niet limitatief) opgesomde ingrijpende gevolgen, moet volgens het Europees Hof voor de Rechten van de Mens een herroeping steunen op “
sufficiently sound and weighty considerations in the interests of the child”.Het is aan de bijzondere curator om te onderzoeken of van zulke zwaarwegende omstandigheden sprake is en of de hiervoor weergegeven gevolgen opwegen tegen een eventueel emotioneel belang bij herroeping van de adoptie.
Vast staat dat [belanghebbende 2] en de adoptiemoeder geen hechte band met elkaar hebben. Het is echter de vraag of een slechte relatie aanleiding kan zijn om – zeker op deze jonge leeftijd – een adoptie te herroepen. Dat zou eventueel anders kunnen zijn, als zou kunnen worden vastgesteld dat herroeping van de adoptie positieve gevolgen zal hebben voor het
private lifevan [belanghebbende 2], in die zin dat zij haar eigen identiteit en persoonlijkheid daardoor beter kan ontwikkelen.
Zoals hiervoor weergegeven, herleeft na een herroeping van de adoptie in beginsel de juridische band met de oorspronkelijke juridische ouders (1:232 lid 2 BWA). In dit geval zal een eventuele herroeping slechts betrekking hebben op de adoptiemoeder: de band tussen [belanghebbende 2] en de adoptievader is immers goed en niet ter discussie staat dat de adoptie van [belanghebbende 2] door de adoptievader in stand moet blijven. De adoptie zou dan in feite worden teruggebracht tot een eenouderadoptie door de adoptievader, waardoor de juridische band met de biologische moeder niet wordt hersteld.
Een mogelijk juridisch obstakel is ook dat de autoriteiten in Grenada een Arubaanse uitspraak – waarin de in Grenada uitgesproken adoptie door de adoptiemoeder wordt herroepen – misschien niet erkennen. Het is het Gerecht bijvoorbeeld tot nog toe onduidelijk of herroeping van een adoptie ook mogelijk is naar het recht van Grenada. Als de autoriteiten in Grenada de eventuele Arubaanse herroeping niet zouden erkennen, ontstaat een zogenoemde “hinkende rechtsverhouding”. Naar Arubaans recht is de adoptiemoeder immers in dat geval niet langer de juridische moeder van [belanghebbende 2], maar naar het recht van Grenada wel. Zo’n situatie is natuurlijk onwenselijk.
Het is de vraag of [belanghebbende 2] – die net 14 is – al deze mogelijke gevolgen kan overzien en dus in staat is een keuze te maken die (op lange termijn) in haar belang is.
Voor het geval de bijzondere curator na zijn onderzoek zou twijfelen over de vraag of het in het belang van [belanghebbende 2] is om al op dit moment namens haar om herroeping van de adoptie (ten aanzien van de adoptiemoeder) te vragen, geldt dat [belanghebbende 2] op het moment waarop zij meerderjarig is geworden altijd zelf kan besluiten een verzoek in te dienen. Dit kan zij doen totdat zij 30 wordt (artikel 1:231 lid 2 BWA) en deze termijn kan onder omstandigheden buiten toepassing worden gelaten (artikel 1:231 lid 3 BWA).