ECLI:NL:OGEAA:2025:362

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
26 november 2025
Publicatiedatum
7 januari 2026
Zaaknummer
AUA202503507 KG
Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedures
  • Kort geding
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Benoeming van een nieuwe onzijdig persoon in een echtscheidingsprocedure met betrekking tot de verdeling van de huwelijksgemeenschap

In deze zaak, die voor het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba werd behandeld, vorderde de vrouw de benoeming van een nieuwe onzijdig persoon ter vervanging van de gepensioneerde (oud)-deurwaarder, om de verdeling van de huwelijksgemeenschap te faciliteren. De vrouw en de man waren eerder gehuwd en hadden een echtscheiding ondergaan, waarbij de verdeling van hun huwelijksgemeenschap was bevolen. De vrouw had een woning verkocht, maar de man weigerde mee te werken aan de levering van de woning, wat leidde tot de noodzaak van een nieuwe onzijdig persoon. Tijdens de mondelinge behandeling op 13 november 2025 werd de zaak inhoudelijk besproken, waarbij de vrouw werd bijgestaan door haar advocaat mr. J.J. Steward en de man door mr. R.P. Lee. Het Gerecht oordeelde dat de vrouw een spoedeisend belang had bij haar vorderingen, gezien de verkoop van de woning en de dreiging van de kopers om zich terug te trekken. Het Gerecht wees de vorderingen van de vrouw toe en benoemde deurwaarder [deurwaarder] als onzijdig persoon, met de bevoegdheid om alle benodigde rechtshandelingen te verrichten voor de levering van de woning. De proceskosten werden gecompenseerd, zodat iedere partij zijn eigen kosten droeg.

Uitspraak

Vonnis in kort geding van 26 november 2025
Behorend bij AUA202503507 KG
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS IN KORT GEDING
in de zaak van:
[Eiseres]
te Aruba,
eiseres, hierna ook te noemen: de vrouw,
gemachtigde: de advocaat mr. J.J. Steward,
tegen:
[Gedaagde],
te Aruba,
gedaagde, hierna ook te noemen: de man,
gemachtigde: de advocaat mr. C.H. Lejuez.

1.DE PROCEDURE

1.1
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift met producties1 tot en met 6, ingediend op 27 oktober 2025;
- de mondelinge behandeling op 13 november 2025, waarbij de man pleitaantekeningen, een akte houdende een eis in reconventie en één productie heeft overgelegd.
1.2
Tijdens de mondelinge behandeling van 13 november 2025 zijn verschenen de vrouw en de makelaar van de vrouw, bijgestaan door mr. Steward, en de man, bijgestaan door mr. R.P. Lee.
1.3
Na aanvang van de mondelinge behandeling heeft mr. Lee gevraagd om aanhouding van de zaak voor twee weken, in verband met de afwezigheid van mr. Lejuez wegens gezondheidsproblemen. De vrouw heeft zich daartegen verzet. Het Gerecht heeft de zitting vervolgens kort geschorst. Na hervatting van de zitting is aan partijen medegedeeld dat het verzoek van de man wordt afgewezen, omdat het in strijd is met de eisen van een goede procesorde om pas op zitting om aanhouding te verzoeken. De vrouw heeft immers al kosten gemaakt voor de zitting. Daarbij wordt niet verwacht dat de man ernstig in zijn belangen wordt geschaad doordat mr. Lejuez niet het woord kan voeren, nu mr. Lee zich op die zitting heeft voorbereid door het opstellen van pleitaantekeningen en een akte houdende eis in reconventie. De zaak is vervolgens inhoudelijk met partijen besproken. Partijen hebben tijdens de zitting het woord gevoerd en hebben gereageerd of kunnen reageren op elkaars stellingen.
1.4
Ter zitting is vonnis bepaald op vandaag.

2.DE VASTSTAANDE FEITEN

2.1
Partijen zijn gehuwd geweest. Bij beschikking van 8 november 2021 van dit Gerecht is tussen partijen de echtscheiding uitgesproken (hierna: de echtscheidingsbeschikking).
2.2
Partijen waren in algehele gemeenschap van goederen gehuwd.
2.3
In de echtscheidingsbeschikking is de verdeling van de huwelijksgemeenschap bevolen. Daarbij is [(oud)-deurwaarder] (hierna: [(oud)-deurwaarder]), (oud-)deurwaarder, benoemd tot onzijdig persoon om die persoon te vertegenwoordigen die mocht weigeren of nalaten aan de verdeling mee te werken. [Notaris] is benoemd tot notaris ten overstaan van wie de verdeling moet plaatsvinden.
2.4
Tot de huwelijksgemeenschap behoort (onder meer) het perceel met daarop een woonhuis, plaatselijk bekend als [adres] in Aruba (hierna: de woning). De man woont in de woning.
2.5
Op 27 december 2022 heeft de (toenmalige) gemachtigde van de vrouw de man een brief gestuurd en voorgesteld om de huwelijksgemeenschap te verdelen op de wijze zoals opgenomen in het bij die brief gevoegde conceptconvenant (hierna: het conceptconvenant). Daarop heeft de man niet gereageerd.
2.6
De vrouw is vervolgens een procedure gestart en heeft verdeling van de huwelijksgemeenschap gevorderd. De man is in die procedure niet verschenen.
2.7
Bij verstekvonnis van 25 oktober 2023 van dit Gerecht (hierna: het verstekvonnis) is de wijze van verdeling van de huwelijksgemeenschap bepaald overeenkomstig het op 27 december 2022 door de vrouw aan de man voorgestelde conceptconvenant. In het conceptconvenant is ten aanzien van de woning het volgende bepaald:
“I. De tussen partijen bestaande huwelijksgoederengemeenschap is als volgt samengesteld:
(…)
a.
a) het perceel erfpachtgrond in Aruba (…) met daarop gebouwde betonstenen woonhuis plaatselijk bekend als [adres], nader te noemen: ‘het onroerend goed’, welk goed door Wilson Consultancy N.V. op 9 mei 2022 op een huidige marktwaarde van Afl. 249.303,00 werd getaxeerd.
(…)
n) een hypothecaire schuld aan FCCA ten name van de man, waarvan [het] openstaande saldo op 31 januari 2022 nog Afl. 124.749,53 was (…);
(…)
2. Het onder I.1 onder a vermeld onroerend goed zal voor het bedrag van de Wilson Consultancy N.V. op 9 mei 2022 bepaalde marktwaarde van Afl. 249.303,00 verkocht worden. Van de opbrengst uit die verkoop zal de hypothecaire schuld vermeld onder artikel I.1 sub n volledig afbetaald worden. Hetgeen van die opbrengst dan overblijft, zal voor gelijke delen tussen partijen worden verdeeld. Indien partijen van de voornoemde marktwaarde willen afwijken dienen zij dat schriftelijk met elkaar overeen te komen.
3. Partijen komen overeen dat de kosten in verband met de verkoop van het onder I.1 onder a vermeld onroerend goed, zoals bijvoorbeeld docht niet uitsluitend de notariskosten, voor zover die kosten voor hun rekening en verantwoording komen, door hen voor gelijke delen betaald zullen worden.”
2.8
In het verstekvonnis is verder, voor zover hier van belang, het volgende beslist:
“- machtigt de door het Gerecht bij beschikking van 8 november 2021 benoemde notaris om alle handelingen te doen en alle aktes te verlijden, welke voor de uitvoering van de in deze vonnis bepaalde wijze van verdeling nodig mochten zijn;
- machtigt de door het Gerecht bij beschikking van 8 november 2021 benoemde onzijdig persoon om, voor zover de man dat mocht weigeren of nalaten om te doen, met het recht tot substitutie, alle handelingen te verrichten en alle aktes te ondertekenen, welke nodig mochten zijn voor de uitvoering van de in deze vonnis bepaalde wijze van verdeling nodig mochten zijn;
- bepaalt dat de kosten van de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap van partijen ten laste van de gemeenschappelijke boedel zullen zijn, zodat die kosten in feite voor gelijke delen tussen partijen zullen worden verdeeld;”
2.9
In opdracht van de vrouw is de woning op 6 mei 2025 (opnieuw) getaxeerd. Volgens die taxatie is de marktwaarde van de woning Afl. 236.600,-.
2.1
Op 18 juni 2025 heeft de vrouw een koopovereenkomst ondertekend met betrekking tot de verkoop van de woning aan derden voor Afl. 250.000. In de koopovereenkomst is opgenomen dat de levering van de woning zo snel als mogelijk zal plaatsvinden.
2.11 [(
Oud)-deurwaarder] is inmiddels gepensioneerd.
2.12
De man is op 12 september 2025 in verzet gekomen tegen het verstekvonnis.
3.DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
3.1
De vrouw vordert om bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:
a. a) [Deurwaarder], deurwaarder in Aruba, te benoemen tot onzijdig persoon ter zake de verdeling van de huwelijksgemeenschap van partijen, in de plaats tredend van [(oud)-deurwaarder];
b) te bepalen dat aan [deurwaarder] bij deze benoeming het recht van substitutie toekomt, zodat hij zich zo nodig kan laten vervangen door een collega deurwaarder of een andere geschikte persoon, zonder dat hiervoor verdere rechterlijke tussenkomst nodig is;
c) te bepalen dat de benoeming van [deurwaarder] omvat de bevoegdheid om alle benodigde rechtshandelingen te verrichten en alle benodigde aktes te ondertekenen die noodzakelijk zijn voor de levering van de woning aan de [adres] te Aruba (kadastraal: Land Aruba, Div. 4, Sectie G, nr. 33) aan de kopers, alsmede voor de verdere uitvoering van de verdeling zoals vastgesteld in het vonnis van 25 oktober 2023, waaronder ook namens de man de akte van levering bij notaris [notaris] te passeren, aangezien de man zelf weigerachtig blijft;
d) de man te veroordelen in de proceskosten, te vermeerderen met de wettelijke rente.
3.2
De vrouw legt aan haar vorderingen het volgende ten grondslag. De woning is verkocht en dient te worden geleverd. De man weigert mee te werken aan de levering. [(Oud)-deurwaarder], die als onzijdig persoon was benoemd, is inmiddels met pensioen en is daarom niet langer beschikbaar om haar taak te vervullen. Hierdoor kan de levering van de woning niet plaatsvinden. De kopers dreigen zich terug te trekken als de levering niet op zeer korte termijn plaatsvindt. De vrouw heeft er daarom belang bij dat zo snel mogelijk een nieuw onzijdig persoon wordt benoemd, die in plaats van de man alle voor de levering van de woning benodigde handelingen van de man kan verrichten, zoals het ondertekenen van de leveringsakte.
3.3
De man heeft verweer gevoerd.
3.4
Het Gerecht zal hierna, waar nodig, nader op de standpunten van partijen ingaan.

4.DE BEOORDELING

Vooraf4.1 De man heeft op zitting een akte houdende een eis in reconventie ingediend. De vrouw heeft hiertegen bezwaar gemaakt, omdat dit te laat is. Volgens artikel 57 van het Procesreglement voor civiele zaken in eerste aanleg en in hoger beroep van 2023 (hierna: het Procesreglement 2023) dient de partij die een akte wil indienen, in beginsel uiterlijk op de werkdag voorafgaand aan de zitting om 12.00 uur een bericht daarvan, onder bijvoeging van de stukken, aan de griffie van de behandelend rechter en aan de wederpartij toe te sturen. Die termijn geldt ook voor het instellen van een reconventionele vordering (art. 58 Procesreglement 2023). De man heeft de akte houdende een eis in reconventie niet binnen de hiervoor genoemde termijn aan de griffie en aan de wederpartij toegestuurd. De akte is dan ook te laat ingediend. Het pas ter zitting overleggen van een akte houdende een eis in reconventie is in strijd met de eisen van een goede procesorde, omdat de vrouw zich niet adequaat tegen de reconventionele vordering kan verweren. De akte wordt daarom niet toegelaten.
4.2
Ten overvloede wordt opgemerkt dat ook in het geval het Gerecht de akte houdende een eis in reconventie zou toelaten, dit de man niet zou baten. De eis in reconventie strekt ertoe om de executie van het verstekvonnis te schorsen, omdat de man in verzet is gegaan tegen het verstekvonnis. Het enkele feit dat de man in verzet is gegaan tegen het verstekvonnis, kan er naar voorshands oordeel van het Gerecht niet toe leiden dat, zoals de man aanvoert, sprake is van misbruik van bevoegdheid door de vrouw omdat zij het verstekvonnis ten uitvoer legt. Dat de man bij de totstandkoming van het verstekvonnis niet is gehoord, is immers inherent aan het feit dat de man in die procedure niet is verschenen.
Benoeming onzijdig persoon?
4.3
Het Gerecht is, anders dan de man, van oordeel dat de vrouw een voldoende spoedeisend belang heeft bij haar vorderingen. In verband met de pensionering van [(oud)-deurwaarder] is er op dit moment geen onzijdig persoon die in plaats van de man die handelingen kan verrichten die in het kader van de verdeling van de huwelijksgemeenschap, waaronder de verkoop en levering van de woning, nodig zijn. De vrouw is daarom ontvankelijk in haar vorderingen.
4.4
Het gaat in deze zaak om de vraag of een nieuwe onzijdig persoon moet worden benoemd om de andere partij te vertegenwoordigen als deze onwillig is om mee te werken aan de verdeling.
4.5
De man verweert zich met de stelling dat sprake zal zijn van een onrechtmatige verkoop, als de woning namens hem wordt verkocht en geleverd door tussenkomst van een onzijdig persoon. Daartoe voert de man onder meer aan dat er op dit moment een verzetprocedure aanhangig is, waardoor de vrouw geen geldige titel heeft om te executeren. Het Gerecht gaat voorbij aan dit verweer. Het enkel instellen van verzet tegen het verstekvonnis heeft niet tot gevolg dat het verstekvonnis niet ten uitvoer gelegd mag worden. Het verstekvonnis is immers uitvoerbaar bij voorraad verklaard. De man wordt ook niet gevolgd in zijn betoog dat in de procedure waarin het verstekvonnis is gewezen, geen hoor en wederhoor heeft plaatsgevonden. De man is in die procedure niet verschenen, zodat vanzelfsprekend geen rekening kon worden gehouden met zijn standpunten met betrekking tot de wijze van verdeling. Van een onrechtmatige verkoop is dan ook geen sprake.
4.6
De man voert verder aan dat artikel 3:181 BW in dit geval niet van toepassing is, omdat hij niet weigert mee te werken aan een rechtmatige verdeling, maar wel aan de in zijn ogen onrechtmatige verdeling zoals vastgesteld in het verstekvonnis. Dit betoog kan niet slagen. Allereerst erkent de man dat hij weigert mee te werken aan de verdeling zoals is bepaald in het verstekvonnis, zodat sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 3:181 lid 1 BW. De man is het kennelijk niet eens met die (wijze van) verdeling, maar dat is voor de vraag of de onzijdig persoon - die al in de echtscheidingsbeschikking is benoemd - moet worden vervangen door een andere, niet van belang. Daarbij komt dat de man op geen enkele manier heeft toegelicht hoe een rechtmatige verdeling er volgens hem zou moeten uitzien. Vast staat wel dat ook hij meent dat de woning moet worden verkocht.
4.7
Nu er voldoende aanleiding is om aan te nemen dat de man niet zal meewerken aan de verdeling, waaronder de verkoop en levering van de woning, heeft de vrouw belang bij benoeming van een nieuwe onzijdig persoon in verband met de pensionering van [(oud)-deurwaarder]. De woning is inmiddels verkocht en dient binnen afzienbare tijd te worden geleverd aan de kopers, zodat de gevraagde voorziening in kort geding is gerechtvaardigd. Het belang van de vrouw om niet langer in onverdeeldheid te blijven, weegt zwaarder dan het belang van de man om zijn – tot op heden onbekende – standpunten over de verdeling kenbaar te kunnen maken in de verzetprocedure. Partijen zijn immers al jaren uit elkaar en de vrouw heeft onweersproken gesteld dat zij in financiële problemen verkeert en de man de aan haar verschuldigde gebruiksvergoeding niet betaalt. De woning is door de vrouw boven de marktwaarde verkocht, wat in het belang van beide partijen is. Bij deze stand van zaken kan van de vrouw niet worden gevergd dat zij de uitkomst van de verzetprocedure afwacht.
4.8
De vrouw heeft voorgesteld om deurwaarder [deurwaarder] als onzijdig persoon te benoemen. Roos zou zich daartoe bereid hebben verklaard. Het Gerecht zal daarom Roos benoemen tot onzijdig persoon om die persoon te vertegenwoordigen die mocht weigeren of nalaten aan de verdeling van de huwelijksgemeenschap van partijen mee te werken, waaronder (mede) begrepen de bevoegdheid om alle benodigde rechtshandelingen te verrichten en alle benodigde aktes te ondertekenen die noodzakelijk zijn voor de levering van de woning aan de kopers zoals de ondertekening van de akte van levering namens de man, alsmede voor de verdere uitvoering van de verdeling zoals vastgesteld in het verstekvonnis.
4.9
Conclusie van het voorgaande is dat de vorderingen van de vrouw worden toegewezen.
4.1
In de omstandigheid dat partijen gewezen echtelieden zijn, ziet het Gerecht aanleiding de kosten te compenseren, aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt.

5.DE UITSPRAAK

Het Gerecht:
benoemt [deurwaarder], deurwaarder in Aruba, met het recht van substitutie, in de plaats tredend van [(oud)-deurwaarder], tot onzijdig persoon als bedoeld in artikel 3:181 BW ter zake de verdeling van de huwelijksgemeenschap van de vrouw en de man, om die persoon te vertegenwoordigen die mocht weigeren of nalaten aan de verdeling mee te werken, waaronder (mede) begrepen de bevoegdheid om alle benodigde rechtshandelingen te verrichten en alle benodigde aktes te ondertekenen die noodzakelijk zijn voor de levering van de woning aan de kopers, zoals in ieder geval de ondertekening van de akte van levering namens de man bij notaris [notaris], alsmede voor de verdere uitvoering van de verdeling zoals vastgesteld in het verstekvonnis van 25 oktober 2023;
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
compenseert de proceskosten tussen partijen, aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt;
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. J. Brandt, rechter in dit Gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag, 26 november 2025 in aanwezigheid van de griffier.