Uitspraak
1.[verzoeker],
2.t/m 16 [belanghebbenden 2 t/m 16]
17.[belanghebbende 1], wonend te Australië,
FUNDASHON CAS BONAIRIANO,
Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
In deze zaak heeft verzoeker een verzoek ingediend tot toepassing van de regeling voor langdurig onverdeeld gebleven gemeenschappen op een perceel woeste grond te Antriol, Bonaire, kadastraal bekend als afdeling 4, sectie D, nummer 190, groot 14.000 m². Het perceel staat op naam van Barbolina Thielman en de nalatenschap van de familie Martes, ieder voor de helft.
Uit notariële akten uit 1899 en 1900 blijkt dat de westelijke helft van het terrein door Barbolina Thielman aan Balentien Hyginus Martes is verkocht ten behoeve van diens minderjarige kinderen. Deze kinderen zijn daarmee de rechtmatige eigenaren van dat deel, en hun nakomelingen vormen de huidige eigenaren. Het Gerecht stelt vast dat het aantal deelgenoten beperkt is en hun identiteit bekend, zodat niet is voldaan aan de voorwaarden voor toepassing van artikel 3:200a BW.
Het Gerecht oordeelt dat de regeling voor langdurig onverdeeld gebleven gemeenschappen niet van toepassing is omdat niet aannemelijk is dat de deelgenoten niet opgespoord kunnen worden of dat hun aandelen zeer gering zijn. Het verzoek wordt daarom afgewezen. De deelgenoten kunnen zelf beslissen over verdeling; bij geschil kan de rechter worden gevraagd een verdeling vast te stellen.
Verzoeker wordt veroordeeld in de kosten van de procedure. De beschikking is uitgesproken door mr. J. de Boer en mr. E.G.C. Groenendaal op 17 juli 2024 te Bonaire.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de regeling voor langdurig onverdeeld gebleven gemeenschappen wordt afgewezen.