Uitspraak
Uitspraak
[eiseres],
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie,
Inleiding
Beoordeling door het Gerecht
Beslissing
verklaarthet beroep ongegrond.
zes wekenna de dag van kennisgeving van de uitspraak.
Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Eiseres, een Dominicaanse staatsburger, heeft een aanvraag ingediend voor een machtiging voorlopig verblijf (mvv) met als doel arbeid in loondienst bij een specifieke werkgever op Bonaire. Deze aanvraag werd door de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie afgewezen omdat de werkgever niet beschikte over een tewerkstellingsvergunning voor eiseres. Na bezwaar werd de afwijzing gehandhaafd.
Eiseres stelde dat indien de werkgever alsnog een tewerkstellingsvergunning zou verkrijgen, de mvv-aanvraag niet langer afgewezen zou mogen worden. Het Gerecht behandelde gelijktijdig het beroep van de werkgever tegen de afwijzing van de tewerkstellingsvergunning en bevestigde de afwijzing.
Het Gerecht oordeelde dat op grond van artikel 2c, eerste lid, van de Wet toelating en uitzetting BES een mvv altijd gekoppeld moet zijn aan een verblijfsdoel. Aangezien het verblijfsdoel arbeid in loondienst is en dit niet gerealiseerd kan worden zonder tewerkstellingsvergunning, is niet voldaan aan de wettelijke voorwaarde. Daarom is de afwijzing van de mvv-aanvraag terecht en blijft het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag om een machtiging voorlopig verblijf wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van een tewerkstellingsvergunning.