Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:OGEABES:2025:10

Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Datum uitspraak
29 januari 2025
Publicatiedatum
24 maart 2025
Zaaknummer
BON202400170
Instantie
Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vonnis in civiele zaak met veroordeling tot betaling en incassokosten

Eiseres heeft bij inleidend verzoekschrift een vordering ingesteld tegen twee gedaagden, beiden woonachtig te Bonaire. Gedaagden hebben geen conclusie van antwoord ingediend, waardoor verstek is verleend. Het gerecht beoordeelt de hoofdvordering als toewijsbaar omdat deze niet is weersproken en niet onrechtmatig of ongegrond is.

De voorwaardelijke vordering wordt afgewezen wegens onduidelijkheid en onbepaaldheid. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden door het gerecht als bovenmatig beschouwd en gematigd tot anderhalf punt van het toepasselijke liquidatietarief volgens het Procesreglement.

Gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van USD 37.095,24 met wettelijke rente vanaf 18 maart 2024 tot volledige voldoening, alsmede tot betaling van USD 1.260,00 aan buitengerechtelijke incassokosten. Daarnaast worden zij veroordeeld in de proceskosten, begroot op USD 1.418,00 aan de zijde van eiseres. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders gevorderde is afgewezen.

Uitkomst: Gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van USD 37.095,24 met rente en incassokosten, proceskosten worden aan hen opgelegd.

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA zittingsplaats Bonaire

registratienummer: BON202400170
datum uitspraak: 29 januari 2025
VONNIS
in de zaak van:
[eiseres],
eiseres,
wonend te Bonaire,
gemachtigde: mr. A.C.A. Gonzales,
tegen

1.[gedaagde 1],

2.
[gedaagde 2],
gedaagden,
beiden wonende te Bonaire,
gemachtigde: mr. A.F. van Toll.

1.Het procesverloop

1.1.
Eiseres heeft bij inleidend verzoekschrift, op 25 april 2024 ter griffie ingediend, gesteld en gevorderd als is vermeld in dat verzoekschrift. Van de geboden gelegenheid om een conclusie van antwoord in te dienen hebben gedaagden geen gebruik gemaakt. Aan gedaagden is akte van niet dienen van antwoord verleend op de rol.
1.2.
Vonnis is bepaald op heden.

2.De beoordeling

2.1.
De vordering is toewijsbaar nu deze niet is weersproken en het gerecht deze niet als onrechtmatig of ongegrond voorkomt. Voor de voorwaardelijke vordering geldt dat niet. Die is te onduidelijk en te onbepaald en zal daarom worden afgewezen. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten komen het gerecht bovenmatig voor en zullen worden gematigd tot 1 ½ punt van het conform het Procesreglement toepasselijke liquidatietarief.
2.2.
Gedaagden zullen, als de grotendeels in het ongelijk gestelde partijen, in de proceskosten worden veroordeeld. Deze kosten worden aan de zijde van eiseres tot op heden begroot op USD 159,00 aan explootkosten, USD 419,00 aan griffierechten en USD 840,00 aan salaris gemachtigde (1 x tarief 6).

3.De beslissing

Het gerecht:
3.1.
veroordeelt gedaagde sub 1 en 2 hoofdelijk des dat indien en voor zover de een zal hebben betaald de ander zal zijn bevrijd tot betaling aan eiseres van
USD 37.095,24 te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 18 maart 2024, tot aan de dag van algehele voldoening,
3.2.
veroordeelt gedaagde sub 1 en 2 hoofdelijk des dat indien en voor zover de een zal hebben betaald de ander zal zijn bevrijd tot betaling om aan eiseres te voldoen USD 1.260,00 aan buitengerechtelijke incassokosten,
3.3.
veroordeelt gedaagde om de kosten van deze procedure te voldoen, aan de zijde van eiseres tot aan deze uitspraak vastgesteld op USD 1.418,00,
3.4.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
3.5.
wijst het meer of anders verzochte af.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.R. Veerman, rechter, en op 29 januari 2025 uitgesproken ter openbare terechtzitting in aanwezigheid van de griffier.