In deze zaak heeft de vrouw, vertegenwoordigd door haar gemachtigde mr. M.M.A. van Lieshout, verzocht om beëindiging van het gezamenlijk ouderlijk gezag over haar minderjarige dochter, geboren in 2010. De vrouw heeft aangevoerd dat er al jarenlang geen communicatie of overleg meer is tussen haar en de man, die ook de vader van de minderjarige is. De man is in 2017 veroordeeld voor ontucht met zijn minderjarige stiefdochter, wat heeft geleid tot een ernstige verstoring van de relatie tussen de ouders en het kind. De vrouw stelt dat het gezamenlijk gezag niet in het belang van de minderjarige is, omdat zij en de man niet in staat zijn om belangrijke beslissingen over de opvoeding en verzorging van het kind gezamenlijk te nemen.
De mondelinge behandeling vond plaats op 3 september 2025, waarbij zowel de vrouw als de man aanwezig waren, evenals een vertegenwoordiger van de Voogdijraad. De man heeft verweer gevoerd tegen het verzoek van de vrouw, maar het gerecht heeft geoordeeld dat de communicatie tussen de ouders zo ernstig verstoord is dat het in het belang van de minderjarige is dat de vrouw met het eenhoofdig gezag wordt belast. De rechter heeft vastgesteld dat de man niet in staat is tot zelfreflectie en dat er geen verbetering te verwachten is in de communicatie tussen de ouders.
De beschikking is op 17 september 2025 gegeven door mr. J.M.J. Keltjens en houdt in dat de vrouw voortaan alleen verantwoordelijk is voor het gezag over de minderjarige, terwijl de man uit zijn gezag wordt ontheven. De kosten van de procedure worden gecompenseerd, waarbij iedere partij zijn eigen kosten draagt.