ECLI:NL:OGEABES:2025:88

Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Datum uitspraak
1 oktober 2025
Publicatiedatum
2 december 2025
Zaaknummer
BON202400574
Instantie
Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vaststelling van kinderalimentatie en omgangsregeling in een familierechtelijke procedure

In deze zaak heeft de Voogdijraad Caribisch Nederland een verzoek ingediend tot vaststelling van kinderalimentatie en een omgangsregeling voor de minderjarige, geboren in 2023 te Bonaire. De procedure is gestart met een verzoek van de Voogdijraad, waarbij de vader en de moeder, beiden wonende te Bonaire, betrokken zijn. De zitting vond plaats op 27 augustus 2025, waar partijen verklaarden een omgangsregeling te hebben getroffen met een 50/50 verdeling van zorg- en opvoedingstaken. De rechter heeft de Voogdijraad gevraagd om een herberekening van de kinderalimentatie op basis van financiële gegevens van de vader. De herberekening op 2 september 2025 leidde tot een bijdrage van US$ 108 per maand, die door de vader moet worden betaald aan de Belastingdienst Caribisch Nederland, met ingang van 1 september 2025.

De beschikking bevat ook aanvullende afspraken over de omgangsregeling, waaronder de verdeling van vakanties en speciale dagen tussen de ouders. De rechter heeft de gemaakte afspraken vastgelegd in de beschikking en verklaard dat deze uitvoerbaar zijn bij voorraad. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij zijn eigen kosten draagt. De beschikking is uitgesproken door rechter mr. J.M.J. Keltjens op 1 oktober 2025, in aanwezigheid van de griffier.

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA

zittingsplaats Bonaire

registratienummer: BON202400574
datum beslissing: 1 oktober 2025
BESCHIKKING
op het kinderalimentatieverzoek van:
DE VOOGDIJRAAD CARIBISCH NEDERLAND,
gevestigd te Bonaire,
verzoekster, hierna:
de Voogdijraad,
met betrekking tot de minderjarige:
[minderjarige],
geboren op [geboortedatum] 2023 te Bonaire,
hierna ook:
[minderjarige],
tegen
[verweerder],
wonende te Bonaire,
verweerder, hierna: de man,
gemachtigde: mr. M.M.A van Lieshout,
en als belanghebbende wordt aangemerkt:
[belanghebbende],
wonende te Bonaire,
hierna ook: de vrouw,
op het gezamenlijk verzoek tot het vaststellen van een omgangsregeling van:

1.[belanghebbende],

2.
[verweerder],
gemachtigde: mr. M.M.A van Lieshout,
beiden wonende te Bonaire,
verzoekers.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure tot en met 14 maart 2025 blijkt uit de beschikking van die datum. Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:
  • het verslag (proces-verbaal) van de mondelinge behandeling die heeft plaatsgevonden op 27 augustus 2025,
  • de herberekening van de kinderalimentatie van de Voogdijraad van 2 september 2025.
1.2.
De beschikking is bepaald op vandaag.

2.De verdere beoordeling

2.1.
Het verzoek van de Voogdijraad strekt tot het vaststellen van een bijdrage van de vader in de kosten van verzorging en opvoeding van [minderjarige] (hierna ook de kinderalimentatie).
2.2.
In de tussenbeschikking van 14 maart 2025 heeft het gerecht de Voogdijraad gevraagd om een nieuwe alimentatieberekening op basis van door de man bij de Voogdijraad in te dienen financiële gegevens. Op de zitting van 27 augustus 2025 werd duidelijk dat de man en de vrouw een omgangsregeling hebben getroffen waardoor de man in aanmerking komt voor een zorgkorting. Op de zitting van 27 augustus 2025 heeft de rechter de Voogdijraad daarom gevraagd opnieuw een berekening te maken.
Omgangsregeling
2.3.
Op de zitting van 27 augustus 2025 hebben partijen verklaard dat zij een omgangsregeling hebben getroffen waarin zij een 50/50 verdeling van zorg- en opvoedingstaken zijn overeengekomen. De man heeft een in het Papiaments opgesteld (op 22 augustus 2025 door de man, de vrouw en een vertegenwoordiger van ZJCN ondertekend) stuk overgelegd waarin partijen hun afspraken hebben vastgelegd tot een uitspraak van de rechter. Het gerecht begrijpt dat partijen op de zitting van 27 augustus 2025 hebben verzocht die omgangsregeling gebaseerd op co-ouderschap in deze beschikking op te nemen, zodat – anders dan in de omgangsregeling van 22 augustus 2025 staat - deze omgangsregeling ook gelding heeft na deze beschikking. Een kopie van de originele omgangsregeling van 22 augustus 2025 zal aan deze beschikking worden gehecht en maakt daarvan deel uit.
2.4.
Op de zitting van 27 augustus 2025 hebben partijen aanvullende afspraken gemaakt. Op die zitting heeft de vrouw ook verklaard dat zij er geen probleem mee heeft dat [minderjarige] vakanties doorbrengt met het gezin van de man ook als zij die in het buitenland doorbrengen. Het gerecht zal die aanvullende afspraken in deze beschikking vastleggen.
Kinderalimentatie
2.5.
In de herberekening van 2 september 2025 komt de Voordijraad uit op een door de man te betalen bijdrage van in totaal US$ 108 per maand ten behoeve van [minderjarige]. Het gerecht zal de verzochte kinderalimentatie dienovereenkomstig vaststellen. De datum waarop de door het gerecht vast te stellen kinderalimentatie ingaat zal worden bepaald op de datum van 1 september 2025. Het gerecht sluit aan bij de datum waarop partijen de (nadien door hen bevestigde) omgangsregeling zijn aangegaan.
2.6.
De man moet de kinderalimentatie steeds vóór de eerste dag van de maand vooraf betalen. Het gaat namelijk om een bijdrage in de kosten die in die maand worden gemaakt en dan zou het te laat zijn als de alimentatie pas later in die maand wordt betaald.
Proceskosten
2.7.
Omdat dit een procedure van familierechtelijke aard betreft, zal het gerecht de proceskosten compenseren als hierna vermeld.

3.De beslissing

Het gerecht:
3.1.
bepaalt de door de man te betalen bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van:
-
[minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2023 te Bonaire,
met ingang van 1 september 2025 op US$ 108 per maand telkens bij vooruitbetaling te voldoen aan de Belastingdienst Caribisch Nederland;
3.2.
bepaalt dat de getroffen onderlinge regelingen uit het aangehechte en door de griffier gewaarmerkte door de man en de vrouw op 22 augustus 2025 bij ZJCN ondertekende omgangsregeling (een kopie van het origineel) deel uitmaken van deze beschikking
3.3.
bepaalt dat in aanvulling op de omgangsregeling van 22 augustus 2025 navolgende afspraken onderdeel uitmaken van de omgangsregeling tussen de ouders en het onder 3.1. genoemde kind (hierna: [minderjarige]) vast:
  • [minderjarige] zal in de grote vakantie drie weken aangesloten bij ieder van partijen verblijven;
  • [minderjarige] zal in de voorjaarsvakantie het ene jaar bij de ene ouder verblijven en het andere jaar bij de andere ouder;
  • [minderjarige] zal in de najaarsvakantie het ene jaar bij de ene ouder verblijven en het andere jaar bij de andere ouder;
  • [minderjarige] zal het ene jaar tijdens de kerstdagen verblijven bij de ene ouder en oud- en nieuwjaarsdag bij de andere ouder, waarna het volgende jaar het omgekeerde zal gebeuren;
  • [minderjarige] zal op vaderdag bij de man verblijven;
  • [minderjarige] zal op moederdag bij de vrouw verblijven;
  • [minderjarige] zal op haar verjaardag een halve dag bij de vrouw verblijven en een halve dag bij de man;
3.4.
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
3.5.
compenseert de proceskosten aldus dat iedere partij de eigen proceskosten draagt.
3.6.
wijst af het meer of anders gevorderde.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.M.J. Keltjens, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 1 oktober 2025 in tegenwoordigheid van de griffier.