ECLI:NL:OGEAC:2017:183
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Executiegeschil alimentatie na hernieuwde samenwoning en verjaring
Partijen waren gehuwd en gescheiden bij beschikking van 1 december 2009, waarbij alimentatie werd vastgesteld. Na de echtscheiding zijn zij weer gaan samenwonen tot oktober 2016, waarna de relatie definitief werd verbroken. De eiser heeft in die periode geen alimentatie betaald.
De gedaagde legde executoriaal beslag wegens achterstallige alimentatie. De eiser voerde verjaring aan en stelde dat alleen de Voogdijraad bevoegd was tot incasso. Het gerecht verwierp deze verweren, oordeelde dat de verjaringstermijn van vijf jaar slechts geldt voor reeds vervallen termijnen en dat de Voogdijraad toestemming gaf voor directe incasso door de verzorgende ouder.
Het gerecht achtte het beroep op rechtsverwerking gegrond vanwege de hernieuwde samenwoning, waardoor de alimentatieverplichting over die periode niet gehandhaafd kon worden. Het beslag werd daarom verminderd tot NAf 3.250 voor de termijnen vanaf oktober 2016 tot november 2017. De proceskosten werden gecompenseerd en het meer gevorderde afgewezen.
Uitkomst: Het executoriaal beslag op alimentatie wordt verminderd wegens hernieuwde samenwoning en verjaring, met compensatie van proceskosten.