ECLI:NL:OGEAC:2017:83
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verdeling erfpachtrecht na echtscheiding en toewijzing aan man
Partijen zijn gehuwd geweest in gemeenschap van goederen en zijn in 1978 gescheiden. De vrouw bleef wonen op het perceel met erfpachtrecht ten name van de man, waar de woning was afgebrand. De man kocht een andere woning waar de vrouw en kinderen gingen wonen. De man vordert de verdeling van het erfpachtrecht en vergoeding van bouwkosten.
De man stelt dat er een overeenkomst is gesloten over de verdeling en bouwkosten, maar deze wordt door de vrouw betwist en onvoldoende onderbouwd door de man. De notarisbrieven uit 1991 ondersteunen het standpunt van de vrouw dat een andere afspraak is gemaakt. Het Gerecht wijst de vordering toe om het erfpachtrecht aan de man toe te delen en veroordeelt de vrouw tot medewerking aan de overdracht.
De vordering tot vergoeding van bouwkosten wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Het verweer van de vrouw dat de man de woning in brand zou hebben gestoken wordt verworpen wegens gebrek aan specificatie en bewijs. Proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het erfpachtrecht wordt aan de man toegedeeld en de vrouw wordt veroordeeld tot medewerking aan de overdracht.