Uitspraak
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
kunnenworden en in de tweede plaats omdat de beide rechthebbenden op het geld in escrow uitdrukkelijk zijn overeengekomen dat PODC op een deel van dat saldo (toch) aanspraak heeft. Die overeenkomst kan in zoverre niet anders worden beschouwd dan als wijziging van (artikel 3 van Pro) de koopovereenkomst. FQFS heeft daarnaast aangevoerd dat een vordering van Nouvelle op PODC ter zake terugbetaling van het betaalde deel van de koopsom is verjaard. Wat FQFS daarmee wil betogen is niet duidelijk, maar helder is wel dat uit de tussen de curator en Nouvelle gemaakte afspraken moet worden afgeleid dat de curator kennelijk geen beroep wenst te doen op die verjaring. In elk geval kan FQFS een eventuele verjaring niet aan Nouvelle tegenwerpen.
meeraan PODC was doorbetaald dan de curator c.s. stellen, heeft de curator c.s. de betalingen aan PODC bij conclusie van repliek nader onderbouwd met stukken. Bij conclusie van dupliek (p. 4) heeft FQFS vervolgens aangevoerd dat zij voor Nouvelle in totaal USD 65.962,80 aan PODC heeft uitbetaald,
minderdus dan de curator c.s. zelf in zijn berekening hanteert. Het gerecht leidt hieruit af dat FQFS haar aanvankelijke verweer op dit punt niet heeft willen handhaven. Het verschil tussen het door Nouvelle in escrow gestorte bedrag en het door FQFS aan PODC betaalde bedrag wordt vastgesteld op USD 88.728,62.