Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.FEITEN
3.GESCHIL
4.BEOORDELING VAN HET BEROEP
2010; Ontvankelijkheid bezwaar
5.DE BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen aanslagen inkomstenbelasting en verzuimboetes over de jaren 2010 en 2013. Voor 2010 werd het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn, waarbij belanghebbende onvoldoende verschoonbaarheid aannam. Voor 2013 was het geschil vooral of de Inspecteur terecht een belastbaar inkomen van Naf. 47.242 heeft aangenomen, ondanks dat belanghebbende slechts Naf. 25.742 daadwerkelijk ontving.
Belanghebbende voerde aan dat het belastbaar inkomen lager moest worden vastgesteld en dat correcties op reis- en schoonmaakkosten onterecht waren. De Inspecteur baseerde zijn schatting op gegevens die belanghebbende zelf later in de bezwaarfase had ingediend, waardoor de schatting als redelijk werd beoordeeld. De bewijslast was omgekeerd vanwege het niet tijdig indienen van aangifte.
Het Gerecht oordeelde dat belanghebbende niet overtuigend had aangetoond dat de schatting onjuist was, mede gelet op de succesvolle vordering van het volledige bedrag in rechte. De aanslagen en verzuimboetes bleven gehandhaafd. Belanghebbende verscheen niet op de eerste zitting maar wel op de tweede. Het beroep werd in zijn geheel ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslagen inkomstenbelasting en verzuimboetes over 2010 en 2013 is ongegrond verklaard en de aanslagen blijven gehandhaafd.