ECLI:NL:OGEAC:2018:290
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Executiegeschil over verbeurde dwangsommen en toelatingsovereenkomst ziekenhuis
De zaak betreft een executiegeschil tussen Stichting Antilliaans Advent Ziekenhuis (Advent) en een gynaecoloog die sinds 2005 medische werkzaamheden verrichtte in het ziekenhuis op basis van een toelatingsovereenkomst. Na beëindiging van de samenwerking in 2013 werd deze door de rechter onrechtmatig verklaard en moest Advent de overeenkomst voortzetten, onder dreiging van dwangsommen.
In 2018 ontzegde Advent de gynaecoloog de toegang tot het ziekenhuis, waardoor geplande operaties niet doorgingen. De gynaecoloog legde daarop beslag onder Advent wegens verbeurde dwangsommen. Advent stelt dat zij deze dwangsommen reeds heeft voldaan en vordert opheffing van het beslag en executieverbod.
Het gerecht oordeelt dat de dwangsom betrekking heeft op alle vormen van uitvoering van de toelatingsovereenkomst, niet alleen de vaste ingeroosterde uren. De ontzegging van toegang leidt daarom tot verbeurde dwangsommen over alle doordeweekse dagen in de periode 1 augustus tot 29 oktober 2018, begroot op NAf 155.000. Gezien de reeds betaalde NAf 35.000 resteert een bedrag van NAf 137.500 waarvoor het beslag gerechtvaardigd is. Het beslag wordt daarom gedeeltelijk opgeheven en executie boven dit bedrag verboden.
De vordering van de gynaecoloog tot verdubbeling van vaste operatie-uren wordt afgewezen wegens onvoldoende duidelijkheid over de rechtvaardiging. Beide partijen worden veroordeeld in proceskosten. Het vonnis is gewezen door rechter Th. Veling op 9 november 2018.
Uitkomst: Het beslag wordt gedeeltelijk opgeheven en executie boven NAf 137.500 verboden wegens verbeurde dwangsommen door ontzegging van toegang.