ECLI:NL:OGEAC:2018:33
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Uitvoerbaarheid bij voorraad en zekerheidsstelling in internationale kortgedingprocedure
In deze internationale kortgedingprocedure tussen Oren Hydrocarbons Middle East FZCO en Corporacion Naturgas S.A. staat de uitvoerbaarheid bij voorraad van een eerder vonnis centraal. Het eerdere vonnis veroordeelde Naturgas tot betaling aan Oren, onder de voorwaarde dat Oren een bankgarantie stelde ter afdekking van het restitutierisico. Oren is er echter niet in geslaagd deze bankgarantie te verkrijgen.
Oren vordert daarom dat het vonnis alsnog uitvoerbaar bij voorraad wordt verklaard, maar dan met de voorwaarde dat de te incasseren bedragen worden gestort op een derdengeldrekening van haar gemachtigde. Naturgas verzet zich hiertegen en stelt dat dit misbruik van procesrecht is en leidt tot conflicterende rechterlijke uitspraken.
Het gerecht oordeelt dat er sprake is van nieuwe feiten en omstandigheden die een aanvullende voorziening rechtvaardigen. Het belang van Oren bij spoedige betaling wordt erkend, terwijl het belang van Naturgas bij het restitutierisico niet wezenlijk wordt geschaad door storting op de derdengeldrekening. De incidentele vordering van Naturgas tot zekerheidstelling voor proceskosten wordt afgewezen.
Het vonnis verklaart het eerdere vonnis uitvoerbaar bij voorraad met de aangepaste voorwaarde van storting op de derdengeldrekening, veroordeelt Naturgas in de proceskosten en wijst het meer of anders gevorderde af.
Uitkomst: Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard met storting op een derdengeldrekening in plaats van een bankgarantie.