ECLI:NL:OGEAC:2018:93

Gerecht in eerste aanleg van Curaçao

Datum uitspraak
21 mei 2018
Publicatiedatum
23 mei 2018
Zaaknummer
CUR201700219
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Artikel 18 lid 5 Landsverordening op het beroep in belastingzaken
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Gegrondverklaring beroep tegen naheffingsaanslag en boete Basisverzekering ziektekosten

Belanghebbende kreeg voor juni 2015 een naheffingsaanslag Basisverzekering ziektekosten (BVZ) en een verzuimboete opgelegd. Na bezwaar en afwijzing daarvan, stelde belanghebbende beroep in bij het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao.

Tijdens de beroepsprocedure gaf de Inspecteur telefonisch aan dat de premie BVZ wel was betaald, waardoor de aanslag en boete onterecht waren opgelegd. Belanghebbende trok daarop haar beroepschrift in onder de voorwaarde dat het betaalde griffierecht werd vergoed.

Het Gerecht achtte het beroep niet ingetrokken vanwege het voorwaardelijke karakter en deed uitspraak. Het beroep werd gegrond verklaard, de aanslag en boete vernietigd en de Inspecteur gelast het griffierecht van Naf. 150 te vergoeden.

De uitspraak werd gedaan door rechter mr. dr. A.J.H. van Suilen op 21 mei 2018. Partijen werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie.

Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de naheffingsaanslag en boete worden vernietigd en het griffierecht wordt vergoed.

Uitspraak

Uitspraak van 21 mei 2018
BBZ nr. CUR201700219
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO
UITSPRAAK
op het beroep in de zin van de
Landsverordening op het beroep in belastingzaken van:
X, gevestigd te Curaçao,
belanghebbende,
gericht tegen:
DE INSPECTEUR DER BELASTINGEN, zetelend in Curaçao,
de Inspecteur.

1.PROCESVERLOOP

1.1
Aan belanghebbende is voor de periode juni 2015, met dagtekening 13 november 2015 een naheffingsaanslag Basisverzekering ziektekosten (BVZ) opgelegd van Naf. 968, alsmede een verzuimboete van Naf. 50.
1.2
Belanghebbende heeft op 15 december 2015 bezwaar gemaakt tegen de naheffingsaanslag en de boetebeschikking.
1.3
De Inspecteur heeft bij uitspraken op bezwaar van 20 februari 2017 de bezwaren afgewezen.
1.4
Belanghebbende heeft op 28 maart 2017 beroep ingesteld tegen de uitspraken op bezwaar. Belanghebbende heeft daarvoor een bedrag aan griffierecht betaald van Naf. 150.

2.BEOORDELING VAN HET BEROEP

2.1
Aan belanghebbende is een naheffingsaanslag BVZ opgelegd, alsmede een verzuimboete.
2.2
De Inspecteur heeft op 7 mei 2018 telefonisch aan belanghebbende meegedeeld dat de premie BVZ indertijd wel is betaald, zodat de naheffingsaanslag en boete ten onrechte zijn opgelegd. De Inspecteur heeft vervolgens aan belanghebbende verzocht het beroep in te trekken.
2.3
Bij e-mailbericht van 7 mei 2018 heeft belanghebbende het beroepschrift ingetrokken onder de voorwaarde dat het betaalde griffierecht van Naf. 150 wordt vergoed. Vanwege het voorwaardelijke karakter acht het Gerecht het beroep niet ingetrokken. Daarom zal het Gerecht uitspraak doen.
2.4
Nu de Inspecteur heeft verklaard dat de naheffingsaanslag en de boete moeten worden vernietigd, zal het Gerecht daartoe overgaan. Het beroep van belanghebbende dient derhalve gegrond te worden verklaard.

3.GRIFFIERECHTEN

Omdat het beroep gegrond is verklaard, heeft belanghebbende ingevolge artikel 18, lid 5 van de Landsverordening op het beroep in belastingzaken recht op vergoeding van het betaalde griffierecht.

4.DE BESLISSING

Het Gerecht:
-verklaart het beroep gegrond;
-vernietigt de uitspraken op bezwaar;
-vernietigt de naheffingsaanslag BVZ;
-vernietigt de boete; en
-gelast dat de Inspecteur het door belanghebbende betaalde griffierecht van Naf. 150 vergoedt.
Deze uitspraak is gegeven door mr. dr. A.J.H. van Suilen, rechter in dit gerecht, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van 21 mei 2018, in tegenwoordigheid van de griffier M.M.M. Faro MSc.
De griffier, De rechter,
Afschriften zijn per post/ per e-mail op ………………………… aan partijen verzonden.
Tegen deze uitspraak kunnen beide partijen binnen
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie (belastingkamer)
Wilhelminaplein 4
Willemstad
Curaçao
U wordt verzocht bij het indienen van het beroepschrift het volgende in acht te nemen:
1. Leg bij het beroepschrift een afschrift over van deze uitspraak;
2. Onderteken het beroepschrift en vermeld het volgende:
a. de naam en het adres van de indiener,
b. de dagtekening,
c. waartegen u in beroep komt,
d. waarom u het niet eens bent met deze uitspraak (de gronden van het hoger beroep).
Voor het instellen van hoger beroep is het volgende bedrag aan griffierecht verschuldigd:
-natuurlijke personen: NAf. 200
-personenvennootschappen en rechtspersonen: NAf. 500