Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.FEITEN
3.GESCHIL
4.OVERWEGINGEN
Naheffingsaanslag
5.PROCESKOSTENVERGOEDING EN GRIFFIERECHT
6.DE BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
belastinggriffie@caribjustitia.org.
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende heeft aangifte gedaan voor winstbelasting 2012 met een teruggaaf van NAf 277.108 en voor 2013 met een verschuldigd bedrag van NAf 38.517. Zij verzocht om verrekening van de teruggaaf 2012 met de verschuldigde belasting 2013. De Inspecteur legde echter een naheffingsaanslag en een verzuimboete op wegens niet tijdige betaling.
Het geschil betrof de vraag of de naheffingsaanslag en de verzuimboete terecht waren opgelegd. Het Gerecht oordeelde dat de Landsverordening Invordering geen bevoegdheid aan de belastingplichtige geeft om zelfstandig tot verrekening over te gaan. Bovendien was de teruggaaf 2012 nog niet geformaliseerd in een negatieve aanslag en dus niet vorderbaar.
De verzuimboete van 15% werd passend geacht, aangezien sprake was van een derde verzuim. Belanghebbende kon worden verweten niet tijdig te hebben betaald. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag en verzuimboete worden gehandhaafd.