Uitspraak
1.Het procesverloop
- het verzoekschrift van 7 februari 2019, met producties;
- de producties van Fly Always;
- de behandeling ter zitting van 21 maart 2019;
- de pleitaantekeningen van mr. Moeniralam.
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
De werknemer trad op 6 november 2017 in dienst bij Fly Always N.V. met een mondeling overeengekomen salaris van NAf 2.500 voor zes maanden. Na stilzwijgende verlenging eindigde de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig op 6 november 2018. De werknemer stelde dat zij te weinig salaris had ontvangen omdat de werkgever een 'bruto bruto' salaris hanteerde, waarbij ook werkgeverslasten werden ingehouden, wat niet was afgesproken.
De rechtbank oordeelde dat het overeengekomen salaris een brutosalaris betrof en dat de werknemer niet hoefde te verwachten dat werkgeverslasten op het salaris in mindering werden gebracht. Fly Always betaalde maandelijks gemiddeld NAf 503 bruto te weinig, wat neerkomt op een totaal van NAf 6.036 bruto plus wettelijke verhoging en rente. Daarnaast werd Fly Always veroordeeld tot betaling van NAf 1.142,68 bruto voor niet-betaald salaris in november 2018, eveneens vermeerderd met wettelijke verhoging en rente.
De vordering tot betaling van een groter aantal niet opgenomen vakantiedagen werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De werknemer kon de arbeidsovereenkomst niet als onbepaalde tijd aanmerken en de vordering tot vergoeding van opzegtermijn werd daarom afgewezen. Fly Always werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Fly Always wordt veroordeeld tot betaling van achterstallig salaris en wettelijke verhogingen, afwijzing vordering opzegtermijn en extra vakantiedagen.