ECLI:NL:OGEAC:2021:285
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot verwijdering dieselgenerator wegens onvoldoende onrechtmatige hinder
In deze zaak vorderen buren het verbod op het gebruik en de verwijdering van een dieselgenerator die geluid, trillingen en stank veroorzaakt. De generator is geplaatst op het perceel van de gedaagde en veroorzaakt hinder bij de eisers, onder meer door geluidsoverlast en laagfrequente trillingen. Na een descente en diverse pogingen tot onderlinge oplossing, is de zaak inhoudelijk behandeld.
De eisers stellen dat de hinder onrechtmatig is op grond van artikel 5:37 BW Pro en artikel 6:162 BW Pro, met klachten over slaaptekort, gezondheidsklachten en stress. De gedaagden betwisten dit en wijzen op het beperkte gebruik van de generator bij stroomuitval, het belang van de generator voor de woning en het feit dat de geluidsoverlast binnen normen blijft.
Het gerecht oordeelt dat hoewel de hinder ernstig is wanneer de generator aanstaat, de frequentie van het gebruik zeer beperkt is en de situatie van langdurige stroomuitval uitzonderlijk is. De belangenafweging leidt tot het oordeel dat de hinder niet onrechtmatig is. De vorderingen worden daarom afgewezen, maar het gerecht moedigt partijen aan om alsnog tot een oplossing te komen. De proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: De vorderingen tot verbod op gebruik en verwijdering van de dieselgenerator worden afgewezen wegens het ontbreken van onrechtmatige hinder.