Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.FEITEN
3.GESCHIL
4.OVERWEGINGEN
5.PROCESKOSTEN EN GRIFFIERECHT
6.DE BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende bracht per 1 augustus 2016 zijn eenmanszaak fiscaal geruisloos in een BV in. In zijn aangifte inkomstenbelasting verantwoordde hij alleen de winst tot die datum. De Inspecteur nam echter ook de winst van augustus tot en met december 2016 mee in de aanslag. Belanghebbende maakte bezwaar en stelde beroep in tegen de aanslagen.
Het Gerecht oordeelde dat de Inspecteur de bewijslast draagt voor het opnemen van de winst na de inbreng in privé. De Inspecteur slaagde hier niet in, mede omdat hij geen bewijs leverde dat de winst niet in de BV was belast. Hierdoor achtte het Gerecht het onwaarschijnlijk dat belanghebbende deze winst privé had genoten.
Daarom werd het beroep gegrond verklaard, de aanslagen verminderd met het bedrag van de betwiste winst, en het betaalde griffierecht aan belanghebbende vergoed. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
De uitspraak werd gedaan door rechter A.J.H. van Suilen op 31 maart 2021, na een zitting via videoverbinding vanwege corona-maatregelen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de aanslagen worden verminderd met NAf 54.314.