ECLI:NL:OGEAC:2022:324

Gerecht in eerste aanleg van Curaçao

Datum uitspraak
14 december 2022
Publicatiedatum
19 december 2022
Zaaknummer
CUR202204254
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 555 RvArt. 557 RvArt. 444 lid 2 Rv
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontruiming vissershuisje bij Fuik wegens onrechtmatige inbezitneming

Eiser heeft in kort geding gevorderd dat gedaagden de woning aan het adres in een vissershaven bij het Spaanse Water, bekend als Kura Buriku, ontruimen. Eiser baseert zijn vordering op het feit dat hij in 2010 toestemming kreeg van de rechtsvoorganger van het Land Curaçao om het terrein te gebruiken en in 2012 een vissershuisje op dat terrein heeft gebouwd.

In 2021 ontdekte eiser dat gedaagde sub 1 en anderen zonder zijn toestemming en zonder recht of titel de woning zijn binnengedrongen en daar verblijven. Politie-inzet en sommatiebrieven van de gemachtigde van eiser bleken vruchteloos. Gedaagden zijn niet verschenen op de zitting en hebben de vorderingen niet betwist.

Het gerecht acht de vorderingen gegrond en onrechtmatig gebruik van de woning vastgesteld. Er is een ontruimingstermijn van veertien dagen na betekening van het vonnis vastgesteld, waarbij gedaagden de woning moeten verlaten en ontruimen. Daarnaast is gedaagde sub 1 veroordeeld tot betaling van buitengerechtelijke kosten, proceskosten en wettelijke rente. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot ontruiming van het vissershuisje binnen veertien dagen en betaling van kosten door gedaagde sub 1.

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO

Zaaknummer: CUR202204254
Vonnis in kort geding d.d. 14 december 2022
inzake
[EISER],
te Curaçao,
eiser,
gemachtigde: mr. E.G.I. van der Plank,
tegen

1.[GEDAAGDE SUB 1],

te Curaçao,
gedaagde,
niet verschenen,
en

2.2. DE GEBRUIKER(S) VAN DE WONING AAN HET ADRES […],

te Curaçao,
gedaagden,
niet verschenen.

1.Het procesverloop

1.1.
Op 8 november 2022 heeft eiser een verzoekschrift in kort geding ingediend.
1.2.
De behandeling van het kort geding heeft hedenmiddag plaatsgehad. Eiser is verschenen, vergezeld van zijn gemachtigde. Gedaagden zijn, hoewel deugdelijk opgeroepen, niet verschenen. Tegen hen is verstek verleend.

2.De beoordeling

2.1.
Eiser vordert - samengevat - de ontruiming door gedaagden van de woning aan het adres […]. Ook vordert eiser veroordeling van gedaagde sub 1 tot betaling van buitengerechtelijke kosten, proceskosten en rente.
2.2.
Eiser legt aan zijn vordering ten grondslag dat hij in 2010 toestemming van (de rechtsvoorganger van) het Land Curaçao heeft gekregen om het betreffende terrein, gelegen in een vissershaven aan het Spaanse Water bekend als Kura Buriku, te gebruiken. Eiser stelt voorts dat hij op dat terrein in 2012 de woning – een vissershuisje – heeft laten bouwen.
2.3.
Volgens eiser is hij er in 2021 achter gekomen dat gedaagde sub 1 en anderen zich de toegang tot de woning hebben verschaft en daarin verblijven. Hij stelt dat dit zonder zijn toestemming en zonder recht of titel is gebeurd, en daarmee onrechtmatig. Tussenkomst van politie en sommaties van zijn gemachtigde zijn volgens eiser tevergeefs geweest.
2.4.
Gedaagden, die niet op de zitting zijn verschenen, hebben de vorderingen van eiser niet weersproken.
2.5.
De onweersproken vorderingen komen het gerecht onrechtmatig noch ongegrond voor, en zullen worden toegewezen. Daarbij zal een wat langere ontruimingstermijn worden bepaald dan gevorderd.
2.6.
Gedaagde sub 1 zal, zoals gevorderd, als de in het ongelijk te stellen partij worden veroordeeld tot betaling van de proceskosten.

3.Beslissing

Het Gerecht, recht doende in kort geding,
3.1.
veroordeelt gedaagden de woning aan het adres […] te Curaçao binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis te verlaten en te ontruimen met alle personen en zaken die zich in de woning bevinden, voor zover die zaken geen eigendom van eiser zijn, en ontruimd te houden en ter vrije beschikking van eiser te stellen;
3.2.
verstaat dat, indien gedaagden niet binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis aan deze veroordeling voldoen, de deurwaarder, door wie de gedwongen ontruiming zal dienen te geschieden, op grond van de wet- en regelgeving (artikel 555 e.v. Rv) bevoegd is de sterke arm van politie en justitie in te roepen, en verleent alvast toestemming voor de vertegenwoordiging als bedoeld in artikel 557 jo Pro. 444 lid 2 Rv;
3.3.
veroordeelt gedaagde sub 1 tot betaling aan eiser van NAf 2.268,19, bij uitblijven van betaling te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de vijftiende dag na betekening van dit vonnis tot de dag van algehele voldoening;
3.4.
veroordeelt gedaagde sub 1 tot betaling van de proceskosten, tot op heden begroot op NAf 763,28 aan oproepingskosten, NAf 450 aan griffierecht en NAf 1.000 voor salaris gemachtigde, alle bedragen bij uitblijven van betaling te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de vijftiende dag na betekening van dit vonnis tot de dag van algehele voldoening;
3.5.
verklaart de veroordelingen in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
3.6.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. P.E. de Kort, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 14 december 2022.