Uitspraak
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO
1.1. Het procesverloop
2.De verdere beoordeling
NAf 1.875,00 +
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
In deze zaak heeft het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao op 6 februari 2023 een vonnis gewezen waarbij verstek is verleend tegen de niet verschenen gedaagde. De zaak betrof de erkenning en tenuitvoerlegging van een buitenlandse uitspraak van The Circuit Court of the Eleventh Judicial Circuit in Miami-Dade County, Florida, waarin de gedaagde werd veroordeeld tot betaling van achterstallige alimentatie, maandelijkse alimentatie, een bedrag wegens overbedeling bij de verdeling van de huwelijksgemeenschap en advocaatkosten.
De rechter heeft de erkenning van de buitenlandse beslissing getoetst aan de criteria van artikel 431 lid 2 Rv Pro, waarbij is vastgesteld dat de buitenlandse rechter bevoegd was, de procedure aan de eisen van behoorlijke rechtspleging voldeed, de erkenning niet in strijd is met de openbare orde van Curaçao en de beslissing niet onverenigbaar is met eerdere beslissingen. Omdat de gedaagde niet is verschenen, is geen verweer gevoerd tegen deze erkenning.
De rechter heeft de gedaagde veroordeeld tot betaling van USD 316.958 aan achterstallige alimentatie, USD 8.321 per maand aan alimentatie vanaf 1 november 2020, USD 451.766 aan overbedeling bij de huwelijksgemeenschap, USD 8.185 aan advocaatkosten en de proceskosten aan de zijde van de eiseres. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De buitenlandse uitspraak wordt erkend en de gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van alimentatie, overbedeling, advocaatkosten en proceskosten.