ECLI:NL:OGEAC:2023:5
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen ex-echtgenote in faillissementsprocedure wegens verjaring en verrekening
De ex-echtgenote vorderde in een renvooiprocedure tegen de curator in het faillissement van haar ex-echtgenoot de verificatie en erkenning van twee geldvorderingen, een lening van circa NAf 38.327,34 en schoolgeld van NAf 18.252,65. De curator betwistte deze vorderingen en stelde verjaring en verrekening als verweer.
Het gerecht overwoog dat een deel van de lening van circa NAf 30.000,- verjaard was omdat de vordering meer dan vijf jaar geleden opeisbaar was geworden en niet was gestuit. Voor de overige bedragen van circa NAf 8.327,34 was de verjaring door stuiting onderbroken en liep de termijn door vanwege het faillissement. De curator kon echter verrekening toepassen met een vordering van NAf 30.000,- wegens aankoop van een auto, die onder de kosten van de gemeenschappelijke huishouding viel.
De vordering tot betaling van schoolgeld werd afgewezen omdat de alimentatieverplichting van NAf 1.500,- per kind per maand reeds was vastgesteld en het extra schoolgeld niet tot een hogere betalingsverplichting leidde. De ex-echtgenote werd veroordeeld in de proceskosten van NAf 3.000,-. Het vonnis werd op 9 januari 2023 uitgesproken door rechter O. Nijhuis.
Uitkomst: De vorderingen van de ex-echtgenote worden afgewezen wegens verjaring en verrekening; zij wordt veroordeeld in de proceskosten.