Uitspraak
TRIPLE EIGHT CORPORATION B.V.,
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Verzoekster was sinds januari 2020 in dienst bij VBK als parttime salesgirl en stelde dat zij vanaf februari 2020 als supervisor werkte tegen een hoger uurloon. Zij vorderde betaling van achterstallig loon over april 2020 tot juni 2021, inclusief wettelijke rente.
VBK betwistte dit en stelde dat verzoekster slechts een proefperiode als supervisor heeft doorlopen zonder definitieve aanstelling, en dat zij op basis van een nulurencontract werkte tegen een lager uurloon. Tijdens de procedure werd vastgesteld dat de salarisspecificaties die verzoekster overhandigde onvoldoende bewijs vormden voor haar stelling dat zij als supervisor werkte tegen het hogere loon.
Het gerecht oordeelde dat verzoekster haar stellingen onvoldoende had onderbouwd en wees de loonvordering af. Verzoekster werd veroordeeld in de proceskosten en nakosten, maar kreeg wel toestemming om kosteloos te procederen vanwege haar financiële situatie.
Uitkomst: Loonvordering afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing van functie en salaris.