Uitspraak
RBTT BANK N.V.,
1.Het procesverloop
2.De verdere beoordeling
3.De beslissing
dinsdag 2 mei 2023 om 15.30 uurmet inachtneming van en op de wijze als is overwogen in rechtsoverweging 2.5,
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
In deze civiele procedure bij het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao staat de oproeping van een niet-verschenen verweerder centraal. Verzoekster heeft aangegeven niet te weten waar verweerder zijn woonstede heeft, ondanks inschrijving in het bevolkingsregister op een adres in Curaçao. Het gerecht constateert dat verweerder feitelijk niet op dat adres woont, maar vermoedelijk in België verblijft, waardoor hij geen bekende woon- of verblijfplaats heeft.
Het gerecht verwijst naar artikel 1:10 Burgerlijk Pro Wetboek voor de definitie van woonstede en overweegt dat de oproeping van verweerder conform artikel 5 onder Pro 7 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering moet plaatsvinden door een deurwaarder met publicatie in het Antilliaans Dagblad en de Landscourant. Dit om verweerder alsnog in de procedure te betrekken.
De griffier wordt opgedragen deze oproeping te verzorgen voor de zitting van 2 mei 2023. De procedure wordt verder aangehouden, zodat na deze oproeping verdere beslissingen kunnen worden genomen. De beschikking is uitgesproken in een openbare terechtzitting op 20 april 2023 door rechter O. Nijhuis.
Uitkomst: Verweerder wordt door deurwaarder opgeroepen met publicatie; verdere beslissing wordt aangehouden.