In mei 2023 sloten eiser 1 en gedaagde een koopovereenkomst voor een appartement met een koopprijs van NAf 405.000. De levering was gepland voor 6 juli 2023, maar werd meerdere malen uitgesteld en heeft uiteindelijk niet plaatsgevonden. Eisers stellen dat eiser 2 in de plaats van eiser 1 als koper is getreden en vorderen dat gedaagde wordt veroordeeld tot levering aan eiser 2.
Gedaagde had de koopovereenkomst ontbonden, maar het gerecht oordeelde dat deze ontbinding geen effect heeft omdat eiser 1 niet in verzuim was en gedaagde zelf niet kon leveren vanwege het ontbreken van toestemming van zijn medegerechtigde. Tevens is afgesproken dat eiser 2 de koper wordt in plaats van eiser 1, waarvoor gedaagde een vergoeding van USD 5.000 bedong.
Het gerecht wijst de vorderingen toe en bepaalt dat indien gedaagde niet binnen veertien dagen na betekening van het vonnis meewerkt aan de levering, het vonnis in de plaats treedt van zijn wilsverklaring. Tevens wordt gedaagde veroordeeld om de woning uiterlijk bij overdracht te ontruimen, onder verbeurte van een dwangsom van NAf 500 per dag tot maximaal NAf 50.000. Gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.