ECLI:NL:OGEAC:2024:20
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Huurster hoeft woning niet te ontruimen, maar moet huurverhoging betalen
Huurster huurt sinds 2002 een appartement en betaalde aanvankelijk NAf 700 per maand. In 2021 werd een huurverhoging overeengekomen naar NAf 815 per maand, maar na oktober 2022 betaalde zij weer NAf 700. Verhuurder, die het appartementsgebouw vorig jaar kocht, zegde de huur op en vorderde ontruiming en betaling van achterstallige huur.
Het gerecht oordeelt dat de huurverhoging redelijk is en dat huurster gebonden is aan de gemaakte afspraak, ondanks dat zij eenzijdig is teruggekomen op de verhoging. De gevorderde achterstallige huur van NAf 1.380 wordt toegewezen met wettelijke rente. De opzegging en ontbinding van de huurovereenkomst worden afgewezen omdat verhuurder geen toestemming van de huurcommissie heeft en onvoldoende bewijs levert voor noodzakelijke reparaties of overtreding van de huurovereenkomst.
De vordering tot ontruiming wordt afgewezen. Ook de vordering van huurster om de opzegging onrechtmatig te verklaren en verhuurder te verbieden actie te ondernemen wordt afgewezen wegens gebrek aan belang. Partijen dragen hun eigen proceskosten en huurster krijgt toestemming kosteloos te procederen vanwege haar onvermogen.
Uitkomst: Huurster hoeft niet te ontruimen maar moet de overeengekomen huurverhoging van NAf 1.380 betalen met wettelijke rente.