Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.FEITEN
3.GESCHIL
4.OVERWEGINGEN
Ontvankelijkheid beroep
5.PROCESKOSTEN EN GRIFFIERECHT
6.BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de vastgestelde waarde van haar onroerende zaak voor de jaren 2021 tot en met 2023, nadat zij deze in 2020 had gekocht. De Inspecteur verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding. Het Gerecht oordeelde dat bezwaar tegen de waarde slechts in het eerste jaar van het vijfjarige tijdvak mogelijk is, tenzij een uitzondering van toepassing is. Het pas na het eerste jaar eigenaar worden van de onroerende zaak valt niet onder deze uitzonderingen.
Belanghebbende stelde dat zij het bezwaar tijdig had ingediend, omdat zij de uitspraken op bezwaar pas op 12 december 2024 ontving. Het Gerecht stelde vast dat de beroepstermijn op 13 december 2024 begon en het beroep op 10 februari 2025 tijdig was ingediend, waardoor het beroep ontvankelijk is.
Echter, omdat het bezwaar zelf niet-ontvankelijk is verklaard, is het beroep ongegrond. De waarde van de onroerende zaak blijft vastgesteld op NAf 475.000. Het Gerecht zag geen aanleiding voor vergoeding van proceskosten of griffierecht. De uitspraak werd gegeven door rechter M. de Werd op 14 oktober 2025.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat het bezwaar tegen de vastgestelde waarde niet-ontvankelijk is.