Klaagster maakte bezwaar tegen het besluit van de Regering van 14 september 2021, waarbij zij werd benoemd in de functie van analist binnen de Veiligheidsdienst Curaçao (VDC) na een reorganisatie in 2012. Zij stelde dat het besluit niet conform het Sociaal Plan Reorganisatie VDC was genomen en dat de sollicitatieprocedures niet correct waren verlopen.
Het Gerecht oordeelde dat het bezwaar ontvankelijk was, omdat klaagster het bezwaarschrift tijdig had ingediend bij de juiste instantie. De Regering kon niet aantonen dat het besluit deugdelijk was gemotiveerd, noch dat de sollicitatieprocedures conform het Sociaal Plan waren gevolgd. Hierdoor was het besluit niet kenbaar en onvoldoende onderbouwd.
Het Gerecht vernietigde het bestreden besluit en beval de Regering binnen drie maanden een nieuw besluit te nemen, met inachtneming van de uitspraak. Tevens werd de Regering veroordeeld tot betaling van de proceskosten aan klaagster. Klaagster had ook om financiële compensatie en immateriële schadevergoeding verzocht, hetgeen het Gerecht aan de Regering overliet in het nieuwe besluit.