ECLI:NL:OGEAC:2026:90

Gerecht in eerste aanleg van Curaçao

Datum uitspraak
5 mei 2026
Publicatiedatum
13 juli 2026
Zaaknummer
CUR20260441
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2:57 lid 1 BWArt. 2:24 lid 6 BWArt. 2:24 lid 7 BWArt. 11 Faillissementsbesluit 1931
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontbinding van stichting wegens onbereikbaarheid doel en afzien van vereffening

De openbare rechtspersoon Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten verzocht op 6 februari 2026 tot ontbinding van de Stichting Spaar- en Kredietfonds Personeelsleden Bank van de Nederlandse Antillen. De stichting heeft nooit activiteiten ontplooid en het doel kan niet meer worden bereikt, mede doordat een andere stichting in 1993 actief werd.

De enig bestuurster van de stichting stemde in met het verzoek. Het gerecht oordeelde dat het verzoek voldoet aan de wettelijke eisen van art. 2:57 lid 1 BW Pro, omdat het doel van de stichting niet meer kan worden bereikt en wijziging van het doel niet aan de orde is.

Hoewel de stichting geen baten en lasten heeft en een vereffening niet noodzakelijk is, benoemt het gerecht toch een curator en rechter-commissaris conform art. 2:24 lid 6 BW Pro en het Faillissementsbesluit 1931. De curator zal de beschikking meedelen en de vereffening wordt geplaatst op de faillissementsrol voor verslaglegging.

De beschikking is op 5 mei 2026 in het openbaar uitgesproken door rechter P.E. de Kort.

Uitkomst: De stichting wordt ontbonden omdat het doel niet meer kan worden bereikt en er wordt afgezien van vereffening, met benoeming van curator en rechter-commissaris.

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO

Zaaknummer: CUR20260441
Beschikking van 5 mei 2026
de openbare rechtspersoon
CENTRALE BANK VAN CURAÇAO EN SINT MAARTEN,
gevestigd in Curaçao,
verzoeker,
gemachtigde: mr. V.P. Maria,
tegen
de stichting
STICHTING SPAAR- EN KREDIETFONDS PERSONEELSLEDEN BANK VAN DE NEDERLANDSE ANTILLEN, (hierna: ‘
de Stichting’)
gevestigd in Curaçao,
verweerster.

1.Het procesverloop

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • het verzoekschrift van 6 februari 2026;
  • de nagezonden stukken:
 instemmingsverklaring en kopie ID van de bestuurster van de Stichting;
 aankondigingen van het verzoek in de Landscourant en bij het handelsregister;
 bereidverklaring van de te benoemen curator.
1.2.
De uitspraak is bepaald op heden.

2.Het verzoek

2.1.
Verzoeker verzoekt het gerecht:
  • de Stichting te ontbinden op grond van art. 2:57 lid 1 sub b BW Pro;
  • te bepalen dat, nu vaststaat dat de Stichting geen baten en geen lasten heeft en een vereffening niet noodzakelijk is, van vereffening kan worden afgezien en derhalve geen vereffenaar en geen rechter-commissaris worden benoemd.
2.2.
Bij schriftelijke verklaring van 7 april 2026 heeft de enig bestuurster van de Stichting verklaard in te stemmen met het verzoek tot ontbinding.

3.De beoordeling

3.1.
Art. 2:57 lid 1 BW Pro luidt:
De rechter ontbindt de stichting op verzoek van een belanghebbende of het openbaar ministerie, indien:
a. het vermogen van de stichting ten enenmale onvoldoende is voor de
verwezenlijking van haar doel en in hoge mate onwaarschijnlijk is dat een
voldoende vermogen door bijdragen of op andere wijze binnen afzienbare tijd zal
worden verkregen;
b. het doel der stichting is bereikt of niet meer kan worden bereikt en wijziging van het doel niet in aanmerking komt.
3.2.
Het doel van de stichting is blijkens haar statuten wat al in haar naam besloten ligt. Verzoeker is de werkgever van het personeel ten behoeve van wie de Stichting in 1992 is opgericht. Verzoeker is mede gelet daarop aan te merken als belanghebbende als bedoeld in art. 2:57 lid 1 BW Pro.
3.3.
Verzoeker heeft uiteengezet dat de Stichting nooit activiteiten heeft ontplooid en dat in haar plaats in 1993 stichting Spaar- en Kredietfonds Opal is opgericht, welke stichting wel actief is. Volgens verzoeker kan het doel van de Stichting niet meer worden bereikt en dient zij te worden ontbonden.
3.4.
Het verzoek tot ontbinding voldoet aan de wettelijke eisen en zal worden toegewezen.
3.5.
Art. 2:24 lid 6 BW Pro bepaalt dat de beschikking waarbij de rechtspersoon ontbonden wordt verklaard de benoeming inhoudt van een curator en de aanwijzing van een rechter-commissaris. Dienovereenkomstig zal worden beslist, niettegenstaande de stelling van verzoeker dat er niets te vereffenen valt.
3.6.
Mr. Maria heeft zich bereid verklaard. Zij zal tot curator worden benoemd. Met overeenkomstige toepassing van art. 11 Faillissementsbesluit Pro 1931 zal de rechter die deze beschikking geeft als rechter-commissaris worden aangewezen.
3.7.
De vereffening van de ontbonden Stichting dient te geschieden overeenkomstig de bepalingen van het Faillissementsbesluit 1931 (art. 2:24 lid 7 BW Pro) en de Faillissementsrichtlijnen.

4.De beslissing

Het gerecht:
4.1.
ontbindt de Stichting;
4.2.
benoemt mr. V.P. Maria, advocaat te Curaçao, tot curator en wijst mr. P.E. de Kort aan als rechter-commissaris;
4.3.
verstaat dat de curator deze beschikking zal meedelen overeenkomstig het bepaalde in art. 2:57 lid 8 BW Pro;
4.4.
verzoekt de griffier deze vereffening te plaatsen op de faillissementsrol van 10 juni 2026, 14.00 uur, voor ‘indienen verslag’;
4.5.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. P.E. de Kort, rechter in het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao, en in het openbaar uitgesproken op 5 mei 2026.