Uitspraak
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN SINT MAARTEN
1.Het verloop van het kort geding
- 27 september 2018;
- 14 december 2018;
- 24 mei 2019;
- 4 juli 2019.
Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten
Eisers vorderen in kort geding dat het Land Sint Maarten en de beheerder van de vuilstort worden verplicht om de uitstoot van stank, rook en gassen op de vuilstort te stoppen en het Fire Suppression Plan uiterlijk 31 december 2019 af te ronden. Eisers baseren hun vordering op de onrechtmatige situatie die al jaren voortduurt, waarbij de vuilnisberg ongesorteerd en ongecontroleerd afval bevat en regelmatig in brand staat, wat leidt tot gezondheidsklachten.
Het Land erkent het probleem en heeft maatregelen genomen die het aantal uitslaande branden sterk hebben verminderd, maar stelt dat het risico op schadelijke uitstoot gering is en dat het Fire Suppression Plan nog in uitvoering is. Het Gerecht oordeelt dat het spoedeisend belang van eisers blijft bestaan omdat de vuilstort nog niet gesaneerd is en een voortdurende bron van overlast en gezondheidsrisico's vormt.
Het Gerecht wijst de vordering tegen de beheerder af omdat het Land inmiddels zelf de exploitatie van de dump heeft overgenomen. Het Land wordt veroordeeld om uiterlijk 1 mei 2020 het Fire Suppression Plan af te ronden, met een dwangsom van 10.000 gulden per dag bij nalatigheid, en de dwangsommen komen ten goede aan een natuurbeschermingsstichting. Tevens wordt het Land veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het Land Sint Maarten wordt veroordeeld om uiterlijk 1 mei 2020 het Fire Suppression Plan af te ronden onder verbeurte van een dwangsom en wordt veroordeeld in de proceskosten.