ECLI:NL:OGEAM:2019:96
Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Beperking conservatoir derdenbeslag wegens belangenafweging huurvordering bedrijfsruimte
In deze kortgedingzaak vordert eiseres opheffing van conservatoir derdenbeslag dat gedaagde heeft gelegd op haar banktegoeden vanwege een huurvordering uit hoofde van een huurovereenkomst voor bedrijfsruimte in Maho Bay.
Eiseres stelt dat de vordering uitsluitend jegens een andere huurder (x) geldt en niet jegens haar, omdat zij een aparte huurovereenkomst heeft voor bedrijfsruimte aan The Boardwalk. Gedaagde voert verweer en stelt dat eiseres onder dezelfde handelsnaam (c) handelt als de huurder van de bedrijfsruimte in Maho, en dat de vordering dus ook jegens haar kan gelden.
Het Gerecht oordeelt dat niet summierlijk van ondeugdelijkheid van de vordering jegens eiseres is gebleken, mede omdat meerdere vennootschappen onder dezelfde handelsnaam handelen en het in de bodemprocedure moet worden vastgesteld welke vennootschap huurder is. Het beslag wordt echter beperkt tot een bedrag van US $64.023,04, waarbij een belangenafweging is gemaakt tussen het belang van gedaagde om verhaal te hebben en het belang van eiseres om haar onderneming voort te zetten.
Eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten en het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het conservatoir derdenbeslag wordt beperkt tot US $64.023,04 en het overige beslag opgeheven.