Uitspraak
Parketnummer: 100.00195/21
Promis-vonnis van dit Gerecht
[verdachte],
of omstreeks23 april 2021 te Sint Maarten,
omopzettelijk [slachtoffer 1] van het leven te beroven, met dat opzet die [slachtoffer 1]
althans eenmaalheeft gestoken en
/ ofgesneden met een of meerdere messen in de mond en
/of in de borstkas en/ofin de nek en
/ofin de buik,
althans in het lichaam, zijnde de verdachteterwijl deuitvoering van dat door hem, verdachte, voorgenomen misdrijf niet is voltooid.
of omstreeks23 april 2021 te Sint Maarten, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf
omopzettelijk [slachtoffer 2] van het leven te beroven, met dat opzet die [slachtoffer 2]
(meermalen
)heeft geduwd
en/of geslagen en/of gestompt en/of;
althans eenmaalheeft gestoken en
/ ofgesneden met een of meerdere messen in de (linker)arm en
/of(rechter)vinger en
/ofborstkas,
althans in het lichaam, zijnde de verdachteterwijl deuitvoering van dat door hem, verdachte, voorgenomen misdrijf niet is voltooid.
cursief). De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.
Poging tot: doodslag.
first offender.
BESLISSING
bewezendat de verdachte de onder 1 primair en 2 primair ten laste gelegde feiten heeft begaan;
veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 (vier) jaren;
1 (één) jaar, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd, van
3 (drie) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of gedurende die proeftijd de hierna te melden bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
NAf 5.000 (zegge: vijfduizend gulden);
NAf 5.000 (zegge: vijfduizend gulden), bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door
100 (honderd) dagenhechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;
NAf 3.000 (zegge: drieduizend gulden);
NAf 3.000 (zegge: drieduizend gulden),bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door
60 (zestig) dagenhechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;