Uitspraak
[kind 1] en [kind 2],
Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten
Eiseres, met twee minderjarige kinderen geboren op Sint Maarten, verzocht om verlenging van haar verblijfsvergunning en die van haar kinderen. Verweerder wees dit af wegens niet voldoen aan het inkomensvereiste en onvoldoende onafgebroken verblijf. Eiseres tekende bezwaar aan, dat door verweerder kennelijk ongegrond werd verklaard zonder een hoorzitting te houden.
Het Gerecht oordeelt dat eiseres geen vijf jaar onafgebroken verblijf heeft opgebouwd, maar dat verweerder ten onrechte heeft nagelaten een zorgvuldige belangenafweging te maken op grond van artikel 8 EVRM Pro. Verweerder had ambtshalve moeten toetsen of het recht op gezinsleven een positieve verplichting tot verblijf voortbrengt, zeker gezien de integratie van de minderjarige kinderen en het gezamenlijke gezag van de vader.
Daarom vernietigt het Gerecht de bestreden beschikking en beveelt een nieuwe beslissing met inachtneming van artikel 8 EVRM Pro. Tevens veroordeelt het Gerecht verweerder tot betaling van proceskosten aan eiseres.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering artikel 8 EVRM.