Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:OGEAM:2023:106

Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten

Datum uitspraak
31 mei 2023
Publicatiedatum
3 september 2024
Zaaknummer
SXM202300246
Instantie
Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens vervallen functie en toekenning ontslagvergoeding

Deliwo B.V. heeft bij het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten verzocht om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met [verweerder] vanwege een reorganisatie waarbij zijn functie is komen te vervallen. [Verweerder] is sinds 2015 in dienst en werd sinds november 2022 vrijgesteld van werk met behoud van salaris. Hij is niet herplaatsbaar binnen het concern.

Tijdens de mondelinge behandeling was [verweerder] niet aanwezig en heeft geen verweer gevoerd. Het Gerecht oordeelt dat de gewijzigde omstandigheden een gewichtige reden vormen voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst met ingang van 1 juni 2023.

De ontbindingsvergoeding wordt vastgesteld op NAf. 21.187,19 bruto, berekend volgens de cessantiaregeling op basis van het bruto maandsalaris en de dienstjaren. De cessantia-uitkering wordt geacht hierin inbegrepen te zijn. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij de eigen kosten draagt.

De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en op 31 mei 2023 uitgesproken door rechter G.A.F.M. Wouters.

Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 juni 2023 met toekenning van een bruto ontslagvergoeding van NAf. 21.187,19.

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN SINT MAARTEN

Zaaknummer: SXM202300246
Beschikking d.d. 31 mei 2023 (bij vervroeging)
inzake
DELIWO B.V.,gevestigd in Sint Maarten,
verzoekster,
gemachtigde: mr. J. DEELSTRA,
tegen
[naam],wonende in Sint Maarten,
verweerder,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna Deliwo en [verweerder] worden genoemd.

1.Het procesverloop

1.1.
Deliwo heeft op 10 maart 2023 een verzoekschrift met producties ingediend. Zowel op eigen initiatief als op verzoek van de rechter heeft Deliwo voorafgaand aan de zitting aanvullende producties ingebracht. Het verzoek is behandeld op 24 mei 2023. Ter gelegenheid van de mondelinge behandeling zijn verschenen de heer K. Holland, project manager van verzoekster, vergezeld door mr. Deelstra. [verweerder] is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen. Mr. Deelstra heeft het woord gevoerd aan de hand van door haar overgelegde pleitaantekeningen. Zij en de heer Holland hebben tevens vragen van de rechter beantwoord
1.2.
De uitspraak van deze beschikking is – bij vervroeging – bepaald op heden.

2.De feiten

2.1.
De volgende feiten zullen in dit geding als tussen partijen vaststaand worden aangemerkt. Deze feiten blijken uit overgelegde stukken en/of volgen uit stellingen van partijen voor zover deze door de ene partij zijn aangevoerd en door de andere partij zijn erkend of niet dan wel onvoldoende gemotiveerd zijn betwist.
2.2. [
verweerder], [datum] 1990, is sinds 1 januari 2015 in dienst van Deliwo als
assistant to financial controller. Zijn bruto maandsalaris bedraagt
Naf. 5.384,31 en $ 3.000,-.
2.3.
Begin 2022 heeft Deliwo om verschillende redenen besloten alle financiële activiteiten in de regio waar Sint Maarten onder valt, te centraliseren op het hoofdkantoor in Miami. [verweerder] is daarbij niet herplaatsbaar. Deze reorganisatie is inmiddels doorgevoerd, behalve voor [verweerder]. Hem is een vertrekregeling aangeboden die hij niet heeft geaccepteerd. Sinds begin november 2022 is hij vrijgesteld van werk met behoud van salaris.

3.Het geschil

3.1.
Deliwo verzoekt dat het Gerecht bij beschikking uitvoerbaar bij voorraad, zakelijk weergegeven, de arbeidsovereenkomst tussen haar en [verweerder] per direct te ontbinden met toekenning aan hem van een in goede justitie te betalen ontslagvergoeding, kosten rechtens.
3.2.
Deliwo legt aan het verzoek het volgende ten grondslag. Er is sprake van gewijzigde omstandigheden, die noodzaken tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst. De aan [verweerder] toe te kennen ontbindingsvergoeding dient primair te worden berekend conform de cessantiaregeling, subsidiair conform de kantonrechtersformule.
3.3. [
verweerder] heeft geen verweer gevoerd.
3.4.
Op de stellingen van Deliwo wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4.De beoordeling

4.1. [
verweerder] heeft geen verweer gevoerd. Van zijn standpunt is ook niet op een andere wijze gebleken. Het verzoek van Deliwo komt het Gerecht niet onrechtmatig of ongegrond voor.
4.2.
Vast staat dat de functie van [verweerder] vanwege de reorganisatie komt te vervallen, althans in Sint Maarten, en dat hij niet herplaatsbaar is in enige functie binnen (het concern van) Deliwo. Daarmee is een gewichtige reden gegeven, te weten gewijzigde omstandigheden, die moet leiden tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst tussen partijen. Het Gerecht heeft zich ervan vergewist dat het verzoek geen verband houdt met het bestaan van een opzegverbod. De arbeidsovereenkomst zal daarom met ingang van 1 juni 2023 worden ontbonden.
4.3.
Aan [verweerder] komt een ontbindingsvergoeding toe. Gelet op alle omstandigheden, waaronder de omstandigheid dat Deliwo tot op heden het salaris heeft doorbetaald, zal het Gerecht aansluiting zoeken bij de cessantiaregeling.
Het bruto salaris van [verweerder] bedraagt in totaal NAf. 10.801,30 [1] per maand ofwel NAf. 2.492,61 per week. Het aantal dienstjaren bedraagt (afgerond naar boven) 8½. De ontbindingsvergoeding wordt derhalve vastgesteld op NAf. 21.187,19 bruto (8½ x NAf. 2.492,61). In de ontbindingsvergoeding wordt de cessantia-uitkering geacht te zijn inbegrepen.
4.4
De proceskosten zullen worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

5.De beslissing

Het Gerecht:
5.1.
ontbindt de arbeidsovereenkomst tussen partijen met ingang van 1 juni 2023 wegens gewichtige redenen bestaande uit verandering in de omstandigheden, met toekenning aan [verweerder] ten laste van Deliwo van een vergoeding groot
NAf. 21.187,19 bruto en met bepaling dat de (eventueel) aan [verweerder] toekomende cessantia-uitkering geacht wordt daarin begrepen te zijn;
5.2.
compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt;
5.3.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gewezen door mr. G.A.F.M. Wouters, rechter, en op 31 mei 2023 uitgesproken ter openbare terechtzitting in aanwezigheid van de griffier.

Voetnoten

1.NAf. 5.384,31 + $ 3.000,- (= NAf. 5.416,99) = NAf. 10.801,30.