Uitspraak
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN SINT MAARTEN
1.Verloop van de procedure
2.De feiten
3.De vorderingen van [eiseres]
[eiseres] heeft op 14 oktober 2025 in onderling overleg tijdelijk het pand verlaten om gedurende een maand renovatiewerkzaamheden mogelijk te maken.
Op 4 november 2025 ontdekte [eiseres] dat de sloten zonder kennisgeving waren vervangen en haar persoonlijke bezittingen waren achtergehouden. [eiseres] ontving via Whatsapp een uitzettingsbevel op 8 november 2025, waarin werd vermeld:
“het huis in deze staat niet kan worden verhuurd”.
4.De beoordeling
[eiseres] stelt dat de gebreken er al zeer geruime tijd waren en dat zij onder deze omstandigheden weer in de woning terug wil, als er geen renovatie plaatsvindt. De vordering onder 1. zal worden toegewezen. [eiseres] zal moeten worden toegelaten in de door haar gehuurde woning, totdat de verhuurder daadwerkelijk met de renovatiewerkzaamheden zal beginnen. De verschuldigde huurprijs bedraagt tot dat moment USD 600,- per maand,
zegelkosten Cg 30,00
griffierecht
Cg 450,00+