ECLI:NL:OGEAM:2025:143

Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten

Datum uitspraak
12 december 2025
Publicatiedatum
5 januari 2026
Zaaknummer
SXM202501267
Instantie
Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Nakoming omgangsregeling en kostenverdeling bij verblijf dochter in Barbados

In deze zaak vordert de vader nakoming van een eerder door het gerecht vastgestelde omgangsregeling voor zijn minderjarige dochter. De regeling omvat onder meer vakantieweken waarin de dochter bij de vader verblijft, waaronder een week in de kerstvakantie. De moeder wenst de regeling op te schorten en kondigt een procedure tot wijziging aan.

Het gerecht oordeelt dat de bestaande omgangsregeling nog steeds geldt en dat de moeder moet meewerken aan de uitvoering daarvan. De moeder moet ervoor zorgen dat de dochter tijdens een van de twee weken van de kerstvakantie naar Barbados reist om bij de vader te verblijven. De vader draagt de kosten van het retourticket van de dochter.

Daarnaast bepaalt de rechter dat indien de moeder tijdens het bezoek op Barbados verblijft, de vader ook het retourticket van de moeder moet betalen. Indien de moeder direct terugreist naar Sint Maarten, betaalt de vader de helft van haar retourticket en brengt hij de dochter uiterlijk na zeven dagen zelf terug. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en de proceskosten worden ieder door partijen zelf gedragen.

Uitkomst: De moeder moet meewerken aan de omgangsregeling door de dochter tijdens de kerstvakantie naar Barbados te laten reizen en de kosten van de retourtickets worden verdeeld volgens het vonnis.

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN SINT MAARTEN

Zaaknummer: SXM202501267
Proces-verbaal van het mondelinge vonnis in kort geding van 12 december 2025
in de zaak van
[eiser],
wonende in Barbados,
eiser, hierna: de vader,
tegen
[gedaagde],
wonende in Sint Maarten,
gedaagde, hierna: de moeder,
gemachtigde: mr. J.G. Bloem.
Tegenwoordig zijn mr. L.J. Saarloos, rechter, en mw. J.F.M. Becker, griffier.
Verschenen zijn:
  • [vader], via videoverbinding vanuit Barbados,
  • [moeder], bijgestaan door de gemachtigde.

1.Het procesverloop

1.1.
Eiser heeft op 2 december 2025 een verzoekschrift met producties ingediend.
1.2.
Op 11 december 2025 hebben partijen producties ingediend.
1.3.
Tijdens de mondelinge behandeling hebben beide partijen de aanwezigen hun standpunten toegelicht en vragen van de rechter beantwoord. Vervolgens heeft de rechter mondeling uitspraak gedaan. De overwegingen en de beslissing zoals uitgesproken worden hierna weergegeven.

2.De overwegingen

2.1.
De vader vordert nakoming van de beslissing van 10 februari 2025 van dit Gerecht voor wat betreft de kerstvakantie. De beslissing luidt wat betreft de omgangsregeling van de minderjarige [dochter] als volgt:
Het Gerecht acht alles afwegende de volgende omgangsregeling het meest in het belang van de minderjarige:
- één week in de carnavalsvakantie, jaarlijks wisselend de eerste danwel de tweede week;
- drie weken in de zomervakantie, jaarlijkse wisselend de eerste danwel de laatste drie weken;
- één week in de kerstvakantie, jaarlijks wisselend de eerste danwel de tweede week;
- videocalls op woensdag- en zondagavond.
In elk geval één van deze vakanties zal de moeder met de minderjarige naar Barbados afreizen om de omgang mogelijk te maken. Het staat de ouders vrij in onderling overleg afwijkende afspraken te maken.
2.2.
De moeder verzoekt opschorting van de geldende omgangsregeling en kondigt aan dat zij binnen vier weken bij het Gerecht een procedure zal beginnen tot wijziging van de omgangsregeling.
2.3.
Het Gerecht gaat uit van de in ieder geval nu nog geldende omgangsregeling en komt op grond van alle omstandigheden van het geval tot de hierna volgende beslissing.
Het verzoek van de moeder om een proceskostenveroordeling wordt afgewezen. Allereerst omdat de vader nakoming van een door de rechter vastgestelde regeling vordert en dat niet als misbruik van procesrecht kan worden beschouwd. Daarnaast zal de vordering van de vader in ieder geval gedeeltelijk worden toegewezen.

3.De beslissing in kort geding:

Het Gerecht
3.1.
Bepaalt dat de moeder moet meewerken aan de geldende omgangsregeling door te zorgen dat [dochter] een van de twee weken in de kerstvakantie naar Barbados gaat om bij haar vader te verblijven;
3.2.
Bepaalt dat de vader een retourticket van [dochter] betaalt;
3.3.
Bepaalt:
- indien de moeder gedurende het bezoek van [dochter] op Barbados verblijft, zal zij met [dochter] terugreizen en moet de vader vooraf ook een retourticket voor de moeder betalen;
- indien de moeder ervoor kiest om direct terug te reizen naar Sint Maarten, dient de vader de helft van haar retourticket te betalen en dient hij [dochter] zelf uiterlijk na zeven dagen naar Sint Maarten terug te brengen;
3.4.
Verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
3.5.
Compenseert de proceskosten, ieder draagt de eigen kosten.
Waarvan proces-verbaal,
Griffier Rechter
The decision of the Judgment
This summary is intended only as a service from the Court to inform the parties and is not intended to replace the judgment. No rights can be derived from it. In case of differences between the judgment and this summary, the judgment in Dutch is always decisive. The Court shall not be liable for any damage arising from any use of this summary.

3.The decision in summary proceedings:

The Court
3.1.
Decides that the mother must cooperate with the applicable visitation arrangement by ensuring that [dochter] spends one of the two weeks of the Christmas vacation in Barbados with her father;
3.2.
Decides that the father must pay for [dochter]'s return ticket;
3.3.
Decides:
- if the mother stays in Barbados during [dochter]'s visit, she will travel back with [dochter] and the father must also pay for a return ticket for the mother in advance;
- if the mother chooses to travel back to Sint Maarten immediately, the father must pay half of her return ticket and must bring [dochter] back to Sint Maarten himself within seven days at the latest;
3.4.
Declares this judgment provisionally enforceable;
3.5.
Compensates the legal costs; each party shall bear its own costs.