Uitspraak
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN SINT MAARTEN
1.[eiser 1],
[eiser 2],
[eiser 3],
[eiser 4],
[eiser 5],
1.[gedaagde 1],in persoon en mede in diens hoedanigheid van statutair
[gedaagde 2], met onbekende woonplaats,
[naam N.V.], h.o.d.n. EL ZAFIRO SXM, gevestigd in Sint
UNITED MANAGEMENT GROUP N.V.,
- eisers in conventie, verweerders in reconventie gezamenlijk als ”[eisers]” en afzonderlijk als ”[eiser1]”, ”[eiser2]”, ”[eiser3]”, ”[eiser4]” en ”[eiser5]”
- gedaagden in conventie gezamenlijk als ”[gedaagden].” en afzonderlijk als ”[gedaagde1]”, ”[gedaagde2]” en ”[N.V.]” en eiseres in reconventie als ”UMG”.
1.Het procesverloop
- het verzoekschrift met producties, dat op 15 mei 2024 is ingediend;
- het vonnis in het incident van 21 januari 2025;
- de conclusie van antwoord in conventie, tevens van eis is reconventie, met producties;
- de conclusie van repliek in reconventie, met eiswijziging, tevens van antwoord in reconventie.
2.De feiten
3.De (gewijzigde) vordering in conventie
Al met al levert dit wanbeheer een onrechtmatige daad van [gedaagde1] jegens [eisers] op. Als bestuurder is [gedaagde1] ook zelf aansprakelijk, omdat hem een ernstig verwijt worden gemaakt.
4.Het verweer in conventie
5.De vordering in reconventie
6.Het verweer in reconventie
7.De beoordeling
primairde (waarde van de) inleg van [eisers] van ieder $ 25.000,- aan hen door [gedaagde1] wordt terugbetaald, en
subsidiair[gedaagde1] uit de (leiding van) de onderneming wordt verwijderd, zodat [eisers] de onderneming verder zelf kunnen exploiteren.
[gedaagde1] heeft tijdens de comparitie van partijen geen bezwaar gemaakte tegen deze uitleg en uiteindelijke eiswijziging. Op die uiteindelijk gewijzigde eis wordt dan ook beslist.
[eisers] zal als de in het ongelijk te stellen partij hoofdelijk worden veroordeeld in de proceskosten van [gedaagde2] en [N.V.] gezamenlijk. Deze kosten worden tot op heden begroot op Cg 2.000,- (1 punt voor conclusie van antwoord x tarief Cg 2.000,-).
De vordering zal daarom worden toegewezen.
8.De beslissing
$ 25.000,- (voor iedere eiser), met de wettelijke rente vanaf 24 januari 2024 tot de voldoening;