ECLI:NL:OGEAM:2026:71

Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten

Datum uitspraak
12 juni 2026
Publicatiedatum
22 juni 2026
Zaaknummer
SXM202600491
Instantie
Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Geen spoedeisend belang voor aanpassing vonnis verkoop perceel nalatenschap

Eiseressen hebben een verzoekschrift ingediend om nakoming van bepalingen uit een eerder vonnis van 16 december 2025 te gelasten, waarin de verkoop van een perceel uit de nalatenschap van erflater was geregeld. Zij stellen dat de strikte termijnen uit het vonnis zijn verstreken en dat het vonnis daardoor rechtskracht heeft verloren.

De overige erfgenamen voeren verweer dat zij meewerken aan de verkoop, maar dat een taxatie door een externe taxateur noodzakelijk is voordat de verkoopprijs kan worden vastgesteld. De kosten van deze taxatie moeten worden voorgeschoten, wat tot vertraging leidt.

Het Gerecht oordeelt dat het spoedeisend belang ontbreekt om het vonnis aan te passen en dat eiseressen niet-ontvankelijk zijn in hun vorderingen. Het benadrukt dat samenwerking tussen alle erfgenamen noodzakelijk is om de verkoop voortvarend en zorgvuldig te realiseren. Proceskosten worden niet toegewezen; partijen dragen hun eigen kosten.

Uitkomst: Eiseressen worden niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van spoedeisend belang voor aanpassing van het vonnis.

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN SINT MAARTEN

Zaaknummer: SXM202600491
Vonnisdatum: 12 juni 2026
in de zaak tussen:
[eiseres 1],
en
[eiseres 2],
beiden wonende in de Verenigde Staten van Amerika,
eiseressen,
procederend in persoon,
tegen
DE ERFGENAMEN VAN:
1
. [gedaagde 1];
2
. [gedaagde 2];
3
. [gedaagde 3];
4
. [gedaagde 4];
5
. [gedaagde 5];
6
. [gedaagde 6];
gedaagden.
Voor zoveel nodig zullen de erfgenamen hierna bij hun eigen voornaam worden genoemd.

1.Verloop van de procedure

1.1.
Eiseressen hebben op 21 april 2026 een verzoekschrift ingediend. Vervolgens heeft op 29 mei 2026 de mondelinge behandeling plaatsgevonden. [eiseres 2] is daarbij online verschenen, [X] is namens haar moeder [Y] verschenen. Zij hebben het woord hebben gevoerd en vragen van de rechter beantwoord. [X] deed dat mede namens de overige erfgenamen. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat ter zitting is verklaard.
1.2.
Vonnis is bepaald op vandaag.

2.De feiten

2.1. [
eiseres 1] en [eiseres 2] hebben in een recent verleden verschillende procedures tegen de overige erfgenamen gevoerd. In de procedure met zaaknummer SXM202300404 heeft het Gerecht onder meer beslist dat een bepaald perceel grond moest worden verkocht en dat de opbrengst met een bepaalde verdeelsleutel onder de erfgenamen zou moeten worden verdeeld. Het betreft een perceel in de nalatenschap van erflater [erflater], waarover de erven onderling niet tot overeenstemming konden komen.
In het eindvonnis van 16 december 2025 besliste het Gerecht onder meer als volgt:
gelast de wijze van verdeling van het perceel SXM CB […/….] als volgt:
3.1.
bepaalt dat dit perceel wordt verkocht;
3.2.
bepaalt dat [eiseres 1] en [eiseres 2] binnen twee weken na vandaag drie op Sint Maarten erkende verkoopmakelaars aan de overige erfgenamen voorstellen, waarvan de overige erfgenamen er binnen twee weken daarna één uitkiezen die belast wordt met de verkoop van het perceel. Indien [eiseres 1] en [eiseres 2] niet binnen de termijn van twee weken drie makelaars voorstellen, zijn de overige erfgenamen gerechtigd zelf een makelaar te kiezen. Indien omgekeerd de overige erfgenamen niet binnen twee weken uit de drie voorgestelde makelaars een keuze maakt, zijn [eiseres 1] en [eiseres 2] gerechtigd om zelf een van de drie makelaars uit te kiezen;
3.3.
partijen zullen uiterlijk binnen 14 dagen na de hiervoor genoemde keuze, gezamenlijk opdracht tot verkoop geven aan de gekozen makelaar. Indien slechts één van partijen binnen deze termijn een opdracht aan de makelaar heeft verstrekt, dan is deze na het verstrijken van de termijn bevoegd om als vertegenwoordiger van de andere partij de opdracht aan de makelaar te verstrekken;
3.4.
bepaalt dat de makelaar de vraagprijs bindend voor partijen vaststelt, indien partijen er niet binnen twee weken na de opdrachtverlening in slagen om gezamenlijk devraagprijste bepalen;
3.5.
bepaalt dat als partijen geen overeenstemming kunnen bereiken over deverkoopprijsbinnen één week na een door de aspirant-koper uitgebracht bod, de makelaar de verkoopprijs bindend zal vaststellen;
3.6.
bepaalt dat zodra de verkoopprijs bindend is vastgesteld, partijen verplicht zijn hun medewerking te verlenen aan de verkoop en levering van het perceel aan de koper(s);
3.7.
bepaalt dat dit vonnis in de plaats treedt van de voor de verkoop en levering van het perceel benodigde medewerking, verklaring en/of handtekening van de erfgenamen, voor zover die medewerking niet wordt verleend;
3.8.
bepaalt dat de kosten van de makelaar, de notaris en de overige kosten ter zake van de verkoop en levering uit de verkoopopbrengst worden voldaan;
3.9.
bepaalt dat de netto-opbrengst tussen alle erfgenamen moeten worden verdeeld volgens de verdeelsleutel in het laatste tussenvonnis;

3.Het geschil

3.1.
Eiseressen vorderen van het Gerecht om
1. Eiseressen gezamenlijk of individueel te machtigen en te gelasten met de verkoop
van perceel CB SXM […/….];
2. De verkoop en levering van perceel CB SXM […/….] tegen een verkoopprijs die
de reële waarde van het perceel vertegenwoordigt te gelasten;
3. Te bepalen dat dit vonnis voor zover nodig in de plaats treedt van voor de
verkoop en levering van perceel CB SXM […/….] vereiste medewerking,
verklaring en/of handtekening van de andere/overige erfgenamen;
4. Te bepalen dat de kosten van de makelaar, de notaris en de overige kosten ter
zake van de verkoop en levering uit de verkoopopbrengst worden voldaan;
5. Te bepalen dat de netto-opbrengst tussen alle erfgenamen zal moeten worden
verdeeld volgens de verdeelsleutel in het tussenvonnis.
3.2.
Eiseressen leggen aan hun vordering ten grondslag dat de opdrachten in het vonnis van 16 december 2025 strikt tijdsgebonden waren. Om allerlei uiteenlopende redenen, voornamelijk te maken hebbend met het bereiken van overeenstemming met meerdere erfgenamen, is de verkoop nog niet gerealiseerd. Ondertussen zijn de verschillende vervaldata voor het realiseren van verscheidene opdrachten bepaald c.q. gesteld in het vonnis komen te vervallen. Het vonnis heeft naar de mening van eiseressen daarom rechtskracht verloren.
3.3.
De overige erfgenamen voeren als verweer aan dat zij aan de verkoop meewerken, maar dat de aangewezen makelaar het advies heeft gegeven het perceel te laten taxeren voordat tot bepaling van de verkoopprijs zou kunnen worden overgegaan.
3.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4.De beoordeling

Spoedeisend belang
4.1. [
eiseres 2] heeft aangevoerd dat er een spoedeisend belang is, omdat haar moeder inmiddels 90 jaar is en zij dolgraag uit de onverdeeldheid wil geraken. Dat belang is naar het oordeel van het Gerecht in ieder geval op dit moment echter onvoldoende spoedeisend om de beslissingen in het vonnis van 16 december 2025 zodanig aan te passen dat de overige erven bij de verkoop buitenspel worden gezet. Hierbij weegt ook mee dat het Gerecht in datzelfde vonnis [eiseres 1] en [eiseres 2] gezamenlijk als executeur in een andere nalatenschap heeft ontslagen.
Het voorgaande betekent dat eiseressen niet-ontvankelijk zijn in hun vorderingen in kort geding.
Extraoverwegingen
4.2.
Tijdens de mondelinge behandeling is duidelijk geworden dat partijen zijn blijven steken in stap 3.4. van het vonnis van 16 december 2025. [X] heeft uitgelegd dat de aangezochte makelaar [naam makelaar] zich op het standpunt heeft gesteld dat voor de bepaling van de waarde van het te verkopen perceel eigenlijk een actuele taxatie zou moeten worden verricht. Die taxatie kan zij niet zelf doen, maar moet door een taxateur worden gedaan. De kosten daarvan belopen in dit geval naar schatting ongeveer USD 1.400,-. Deze kosten moeten door de erfgenamen worden voorgeschoten, omdat er in deze nalatenschap op dit moment geen baten zijn.
4.3.
Het Gerecht is het met [eiseres 2] eens dat de verkoop van het perceel voortvarend moet worden ter hand genomen, maar het Gerecht is het met [X] eens dat dat wel zorgvuldig moet gebeuren. Daarvoor is telkens overleg met alle 13 erfgenamen noodzakelijk en dat kost tijd. Het is het Gerecht duidelijk geworden dat ook de andere erfgenamen moeite doen om tot verkoop te komen.
4.4.
Partijen kunnen in overleg met de erfgenamen in de nalatenschap van [gedaagde 2] het voorschot voor de taxateur mogelijk uit de boedel van die nalatenschap betalen. Daarvoor is wel toestemming nodig van alle erfgenamen in die nalatenschap, maar [eiseres 2] heeft op dat verzoek om toestemming niet geantwoord. Door dat wel te doen en daarmee in te stemmen, zou het proces weer op gang kunnen worden gebracht. Dat geldt temeer, omdat de betaling aan de taxateur met de uiteindelijke verkoopopbrengst kan worden verrekend.
4.5.
Ter zitting heeft [eiseres 2] aangevoerd dat zij de vorige appraisal van ICE in 2020 heeft betaald, maar volgens [X] is dat gedaan met baten uit die andere erfenis en niet door [eiseres 2] zelf. Als dat zo is, is de vraag waarom het in dit geval niet weer zo kan gaan. Het is aan partijen om die vraag te beantwoorden. Maar ook als [eiseres 2] het ICE-rapport uit eigen zak zou hebben betaald, valt niet in te zien waarom de kosten voor de taxateur niet uit die andere baten kunnen worden voorgeschoten.
[eiseres 2] zal moeten inzien dat overleg met de andere erfgenamen de enige weg is om zo spoedig mogelijk tot verkoop van het perceel te kunnen overgaan.
Proceskosten
4.6.
Voor een proceskostenveroordeling ziet het Gerecht geen aanleiding. Ieder dient de eigen kosten te dragen.

5.De beslissing

Het Gerecht:
Rechtdoende in kort geding:
5.1.
verklaart eiseressen niet-ontvankelijk in hun vorderingen;
5.2.
compenseert de proceskosten, ieder draagt de eigen kosten.
Dit vonnis is gewezen door mr. L.J. Saarloos, rechter, bijgestaan door
mr. T.B. ten Wolde, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 12 juni 2026.