Uitspraak
NICHEREI CARIB CORPORATION N.V.,
Francis-Lau vordert in deze procedure dat Nicherei haar vrijwaart voor de aansprakelijkheid, omdat Nicherei in afwijking van de aannemingsovereenkomst zou zorgdragen voor verschillende veiligheidsmaatregelen.
Francis-Lau wordt toegelaten haar stellingen te bewijzen.
- het vonnis van 16 mei 2023 in het incident, waarbij de vrijwaring van Nicherei is toegelaten;
- de conclusie van eis met gronden van 22 augustus 2023;
- de conclusie van antwoord van 12 december 2023;
- de conclusie van repliek van 19 maart 2024;
- de conclusie van dupliek van 23 juli 2024.
2.De feiten
3.Het geschil
Francis-Lau legt aan de vordering het volgende ten grondslag.
Nicherei betwist ook dat zij na de brand zou hebben verklaard dat Francis-Lau haar werk naar behoren heeft verricht. Overigens is geen sprake van onrechtmatig handelen door Nicherei.
4.De beoordeling
De overeenkomst van aanneming als grondslag
Dat laatste is juist, maar het is ook mogelijk om buiten het schriftelijk contract afspraken met elkaar te maken. Dat lijkt hier ook het geval.
“We will provide a secured zone for your work area”.Tijdens het pleidooi heeft Nicherei verklaard dat [tussenpersoon] in 2018 geen bestuurder was van Nicherei of in de directie zat, daarmee kennelijk bedoelend dat [tussenpersoon] Nicherei niet kon vertegenwoordigen of dergelijke toezeggingen kon doen. Het Gerecht gaat verder aan die verklaring voorbij. De hiervoor onder 2.1 opgenomen bepalingen 1 tot en met 5 in het contract zijn in dezelfde e-mail van [tussenpersoon] voorgesteld en letterlijk overgenomen door Francis-Lau, waarna het contract is ondertekend door Nicherei. [tussenpersoon] moet daarom worden beschouwd als in deze de bevoegde vertegenwoordiger van Nicherei.
Onrechtmatige daad als grondslag
Daarnaast stelt Francis-Lau dat Nicherei een onrechtmatige daad heeft gepleegd door na de brand tegen Francis-Lau te zeggen dat zij zich behoorlijk van haar taak had gekweten, terwijl zij daar later op is teruggekomen. Nog daargelaten dat de verklaring tijdens de mondelinge behandeling nadrukkelijk werd betwist door [naam] van Nicherei (degene, die de bewering zou hebben gedaan), levert een latere verandering van standpunt geen onrechtmatige daad op jegens Francis-Lau. Denkbaar is bijvoorbeeld alleen al dat latere feiten zijn bekend geworden, die eerder nog niet bekend waren.
Ten slotte is tijdens de mondelinge behandeling door Nicherei voldoende onderbouwd dat zij haar magazijn niet meteen na de brand heeft schoongemaakt, zoals Francis-Lau beweerde. Zij heeft het dus Francis-Lau ook niet onmogelijk gemaakt zelf onderzoek te doen naar de oorzaak van de brand.
Deze grondslag kan de vordering van Francis-Lau daarom niet dragen.
5.De beslissing
23 juni 2026, waarop Francis-Lau zich kan uitlaten of en zo ja hoe zij dit bewijs wil leveren;