ECLI:NL:OGHACMB:2010:BO5142
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot drie jaar gevangenisstraf voor verkrachting van minderjarig meisje
Op 11 februari 2010 werd verdachte beschuldigd van verkrachting van een vijftienjarig meisje op Curaçao. Het slachtoffer deed aanvankelijk aangifte en legde gedetailleerde verklaringen af, maar trok haar beschuldiging later in bij de rechter-commissaris en stelde dat zij met het seksuele contact had ingestemd.
Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie heeft in hoger beroep de eerdere verklaringen van het slachtoffer, ondersteund door getuigenverklaringen en een medische verklaring, in samenhang beoordeeld en acht deze betrouwbaar. De verklaring van getuige P., die het geschreeuw van het slachtoffer hoorde en op de deur klopte, werd ondanks het verweer van de verdediging als betrouwbaar aangenomen.
De verdachte werd schuldig bevonden aan verkrachting zoals omschreven in artikel 248 van Pro het Wetboek van Strafrecht van Curaçao. Gezien de ernst van het feit, de leeftijd van het slachtoffer en de eerdere veroordelingen van de verdachte voor geweldsdelicten, acht het hof een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank eerste aanleg en veroordeelde de verdachte tot een gevangenisstraf van drie jaar, met aftrek van voorarrest. De straf weerspiegelt de ernst van het delict en de schending van de lichamelijke integriteit van het slachtoffer.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf voor verkrachting van een vijftienjarig meisje.