ECLI:NL:OGHACMB:2011:BP9112
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Geschil over voorwaardelijke ontbinding arbeidsovereenkomst en loonbetaling
In deze zaak staat een geschil centraal over de voorwaardelijke ontbinding van een arbeidsovereenkomst tussen La Banque en een werkneemster. Het Hof constateert dat het procesdossier niet compleet is, met name ontbreken diverse producties en pleitaantekeningen uit de eerste aanleg. Daarom verzoekt het Hof partijen om het dossier aan te vullen met de ontbrekende stukken, waaronder de beschikking van het Gerecht in eerste aanleg over de voorwaardelijke ontbinding.
Het Hof neemt kennis van het feit dat het Gerecht in eerste aanleg het verzoek tot voorwaardelijke ontbinding heeft toegewezen met ingang van 1 november 2009, waardoor het geschil zich beperkt tot een geldelijk belang. Dit belang betreft de vraag of en in hoeverre La Banque verplicht was het loon van de werkneemster door te betalen over de periode van 2 april 2009 tot 1 november 2009. La Banque heeft inmiddels voldaan aan het vonnis waarvan beroep.
Gezien de aard en inhoud van het geschil acht het Hof het geschikt om een minnelijke schikking te beproeven. Daarom gelast het Hof een comparitie waarbij partijen persoonlijk en met bevoegde vertegenwoordigers dienen te verschijnen. In afwachting van de uitkomst van deze comparitie wordt iedere verdere beslissing aangehouden.
Uitkomst: Het Hof gelast aanvulling van het procesdossier en een comparitie om minnelijke schikking te beproeven, waarna verdere beslissing wordt aangehouden.