ECLI:NL:OGHACMB:2011:BQ0588

Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Datum uitspraak
25 januari 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
HLAR 015/10
Instantie
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Landsverordening administratieve rechtspraak
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking hoger beroep door bestuursorgaan

Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba behandelde een verzoek om proceskostenvergoeding na intrekking van hoger beroep door het bestuursorgaan, de minister van Justitie van Curaçao. Het hoger beroep was ingesteld tegen een uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen.

Tijdens de zitting op 12 november 2010 trok de minister het hoger beroep in. Verzoekster, vertegenwoordiger van haar minderjarig kind, verzocht daarop het hof om de minister te veroordelen tot vergoeding van de proceskosten die haar waren ontstaan.

Het hof oordeelde dat de Landsverordening administratieve rechtspraak geen grondslag biedt voor een dergelijke proceskostenveroordeling na intrekking van het hoger beroep door het bestuursorgaan. Daarom werd het verzoek afgewezen en het verzoek tot proceskostenvergoeding niet toegewezen.

Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding na intrekking van het hoger beroep door het bestuursorgaan wordt afgewezen.

Uitspraak

HLAR 015/10
Datum uitspraak: 25 januari 2011
GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE
VAN ARUBA, CURAÇAO, SINT MAARTEN
EN VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA
Uitspraak op het verzoek van:
[verzoekster] in haar hoedanigheid van wettelijk vertegenwoordiger van [haar kind], beiden wonend in Curaçao,
verzoekster,
om proceskostenveroordeling na intrekking van het hoger beroep.
1. Procesverloop
Bij brief, bij het Hof ingekomen op 7 mei 2010, heeft de gezaghebber van het Eilandgebied Curaçao (thans: de minister van Justitie) hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen, zittingsplaats Curaçao, van 25 maart 2010.
[verzoekster] heeft een verweerschrift ingediend.
Het Hof heeft de zaak ter zitting behandeld op 12 november 2010, waar de minister, vertegenwoordigd door mr. I.E.A. Doorstam, werkzaam bij het Ministerie van Justitie, en [verzoekster], vertegenwoordigd door mr. S.N.E. Inderson, advocaat, zijn verschenen. Daar heeft de minister het hoger beroep ingetrokken. [verzoekster] heeft het Hof daarop verzocht hem te veroordelen tot vergoeding van de bij haar in de procedure opgekomen proceskosten.
2. Overwegingen
2.1. Voor een veroordeling tot vergoeding van de in verband met de behandeling van een door een bestuursorgaan ingesteld hoger beroep bij een partij opgekomen proceskosten na intrekking van dat hoger beroep biedt de Landsverordening administratieve rechtspraak geen grondslag. Het verzoek moet worden afgewezen.
3. Beslissing
Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Recht doende in naam der Koningin:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. J.Th. Drop, voorzitter, en mr. R.W.L. Loeb en mr. A.W.M. Bijloos, leden, in tegenwoordigheid van mr. P.M. Isenia, griffier.
w.g. Drop
voorzitter
w.g. Isenia
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 25 januari 2011
Verzonden:
Voor eensluidend afschrift,
de griffier,
voor deze,