ECLI:NL:OGHACMB:2011:BQ0652
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- J.P. de Haan
- E.M. van der Bunt
- H.J. van Kooten
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over hoogte tegemoetkoming na arbeidsongeval werknemer
In deze zaak staat de hoogte van de tegemoetkoming na een arbeidsongeval centraal. Werknemer [appellant] stelde dat hij aanspraak had op een volledige loondoorbetaling van 100% na zijn ongeval, terwijl de Sociale Verzekeringsbank slechts 80% van zijn dagloon uitkeerde. Het Hof oordeelt dat de Landsverordening Ziekteverzekering slechts recht geeft op 80% van het dagloon bij arbeidsongeschiktheid door ziekte of ongeval.
Daarnaast betoogde werknemer dat Zapmat aansprakelijk was voor het verschil van 20% als gederfde inkomsten, maar deze vordering werd onvoldoende onderbouwd, onder meer door het ontbreken van bewijs dat zijn dienstverband bij Vertice na het ongeval voortduurde. Ook de stelling dat hij vijf dagen per week voor Zapmat werkte werd door de wederpartij gemotiveerd betwist en onvoldoende bewezen.
Het Hof vernietigt de beschikking van het Gerecht in eerste aanleg en veroordeelt Zapmat tot betaling van een netto loonbedrag, wettelijke rente en een immateriële schadevergoeding. De overige grieven van werknemer worden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing of gebrek aan wettelijke grondslag. De kosten van eerste aanleg worden aan Zapmat opgelegd, terwijl werknemer in de kosten van hoger beroep wordt veroordeeld.
Uitkomst: Zapmat wordt veroordeeld tot betaling van loon, wettelijke rente en immateriële schadevergoeding aan werknemer.