ECLI:NL:OGHACMB:2011:BQ4475
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Gezags- en ex-echtgenotenalimentatiegeschil na echtscheiding met kind
In deze zaak ging het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba op 15 maart 2011 in hoger beroep over twee kwesties: het ouderlijk gezag en de ex-echtgenotenalimentatie na echtscheiding tussen de moeder en vader van een minderjarig kind.
De moeder wenste het gezag alleen te dragen, terwijl de vader zich verzette tegen de veroordeling tot ex-echtgenotenalimentatie. Het Hof oordeelde dat het gezamenlijk gezag in het belang van het kind was en dat het niet zonder meer wenselijk was om het gezag aan slechts één ouder toe te kennen. De communicatieproblemen en culturele verschillen tussen ouders vormden geen voldoende reden om het gezag eenzijdig toe te wijzen.
Ten aanzien van de ex-echtgenotenalimentatie stelde het Hof vast dat de moeder een netto maandinkomen van Afl. 3.500 had en bij haar ouders woonde, terwijl de vader een vergelijkbaar inkomen had uit pensioen en huurinkomsten. Gezien de korte duur van het huwelijk en het feit dat het huis van de vader al vóór het huwelijk in zijn bezit was, was er onvoldoende behoeftigheid bij de moeder om alimentatie te vorderen.
Het Hof vernietigde daarom de eindbeschikking waarin de vader werd veroordeeld tot ex-echtgenotenalimentatie, bevestigde de deelbeschikking betreffende het gezag, en compenseerde de proceskosten zodat elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het Hof bevestigt het gezamenlijk gezag en wijst het verzoek tot ex-echtgenotenalimentatie af wegens onvoldoende behoeftigheid.