ECLI:NL:OGHACMB:2011:BQ4544
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis over verjaring schadevordering na faillissement
In deze civiele procedure stond de vraag centraal of de schadevordering van Nizaam Investment N.V. tegen geïntimeerde was verjaard. De gebeurtenis waarop de vordering was gebaseerd vond plaats in 1997. Hoewel Nizaam op 3 november 1998 bekend was met de schade en de aansprakelijke persoon, was de vordering verjaard per 3 november 2003 volgens artikel 3:310 lid 1 BWA Pro.
Echter werd de verjaring gestuit door de indiening van de vordering ter verificatie bij het faillissement van geïntimeerde in 2000, waardoor een nieuwe verjaringstermijn van vijf jaar begon te lopen. Dit faillissement eindigde op 5 oktober 2000, waarna de nieuwe termijn in principe op 22 februari 2005 zou aflopen. Nizaam kon niet aantonen dat de verjaring eerder was gestuit.
Het hof oordeelde dat het beroep op verjaring door geïntimeerde gegrond was en dat Nizaam onvoldoende had onderbouwd dat er in 1997 geen schuld bestond aan de geëxecuteerde. De eerdere schuldvermelding in jaarstukken en het ontbreken van een verklaring voor latere omzetting van schulden waren onvoldoende om de vordering te handhaven. Het hof bevestigde het bestreden vonnis en veroordeelde Nizaam in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat de schadevordering is verjaard en wijst het hoger beroep van Nizaam af.