ECLI:NL:OGHACMB:2011:BQ9970
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Verzoek om verlof met elektronisch toezicht na gevangenisstraf
Verzoeker, veroordeeld tot negen jaar en vijf maanden gevangenisstraf voor medeplegen van zware mishandeling met de dood tot gevolg, heeft via zijn gemachtigde een verzoek ingediend om verlof met elektronisch toezicht (E.T.) te verkrijgen voorafgaand aan zijn voorwaardelijke invrijheidsstelling.
Het verzoek werd behandeld door het Hof in raadkamer, waarbij verzoeker, zijn gemachtigde en de procureur-generaal aanwezig waren. De procureur-generaal bracht naar voren dat verzoeker pas na het uitzitten van vier vijfde van zijn straf in aanmerking komt voor verlof met E.T., maar het Hof oordeelde dat de Minister van Justitie desondanks binnen zes weken moet beslissen op het verzoek.
Het Hof wijst het verzoek niet toe in die zin dat het zelf verlof verleent, omdat die bevoegdheid bij de Minister van Justitie ligt. Het uitblijven van een beslissing door de Minister vormt geen afwijzing, maar het Hof acht het in het belang van een goede strafrechtsbedeling dringend noodzakelijk dat de Minister alsnog beslist. De beschikking is gegeven door drie leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie op 21 juni 2011.
Uitkomst: Het Hof draagt de Minister van Justitie op binnen zes weken te beslissen op het verzoek om verlof met elektronisch toezicht.